Hier treft u het "MULDER BOEK" aan.
Het boek is geschreven door J. Schut uit Nieuwegein.
Er zijn wel wijzigingen en aanvullingen op de gegevens die u hier aantreft, maar deze heb ik hier niet in verwerkt daar ik er voor heb gekozen het MULDER-BOEK zo orgineel als mogelijk te houden.
Onder het kopje BIJLAGEN treft u een lijst aan van de akten etc.

 

 

FAMILIE MULDER

===============================

Inhoudsopgave


Voorwoord
Inleiding
Familienaam


Of ga rechtstreeks naar één van de navolgende gezinnen:

HENDRIK MULDER / GRIETIEN JANS ELSIES

ROELOF MULDER / ANNA OOSTERGA

CENT MULDER / MARCHIEN DALING

ANNE MULDER / GEESJE LUCHIES

MARGJE MULDER / EINO SCHUT

SIETSKE MULDER / OTTO STAATS

GRIET JANTINA MULDER / ROELF MULDER

JAN MULDER / ANNIGJE HILLEGONDA MULDER

CENT MULDER / ROELFIENA SOETENDAL

EGBERT MULDER / RENIERA VAN BEMMEL

ROELOFJE MULDER / JOHANNES KELDER

HINKE MULDER / JAN WILLEM VAN BEMMEL

ANNA GESINA MULDER / RUTH VAN STRAATEN

SIETSE MULDER / ANTONIA SNIKKERS

Bijlagen (Akten etc.)

====================================================

 

Voorwoord

--

Stamboomonderzoek of genealogie is tegenwoordig voor velen een fascinerende bezigheid.

Voor de één is het een vorm van vrijetijdsbesteding, voor de ander bevrediging van Historische belangstelling. De speurtocht naar de oorsprong van de eigen familie is dan een voor de hand liggende kennismaking met het verleden.
Van wie stammen we eigenlijk af? Welke beroepen oefenden onze groot-, overgroot- en betovergrootouders uit? Hoeveel hoogleraren, professoren, doktoren, notabelen en arbeiders telde de familie in de afgelopen twee eeuwen? En zitten daar nog kunstenaars, criminelen, boeven of deugnieten tussen? Vragen waarop we geprobeerd hebben een antwoord te vinden. De meeste van deze vragen zullen we in dit voorwoord al direct beantwoorden; academici, hoogopgeleiden, kunstenaars en notabelen zult u onder de familie Mulder niet aantreffen. Ook naar voorouders die een belangrijke maatschappelijke positie bekleed hebben zult u in dit boek tevergeefs zoeken. Mocht dit voor u een teleurstellingzijn, het antwoordop de laatste vraag is positiever. Deugnieten komen voor in alle families en zover we hebben kunnen nagaan is er in de familie Mulder slechts één persoon geweest met een justitieel verleden.

In de voorbije jaren zijn door de samensteller van dit boek genealogische overzichten vervaardigdvan de familie Schut, afkomstig uit Wildervank in Groningen en Nieuw-Duinen in Drenthe en van de familie Van der Weg-Postma, uit Friesland. Bovengenoemde familieoverzichten zijn op beperkte schaal uitgegeven. In deze serie ontbrak tot nu toe het genealogisch overzicht van zijn voorouders van moederszijde,de familie Mulder, afkomstig uit de omgeving van de gemeente Smilde en Emmen, maar vanaf 1925 woonachtig in de gemeente Eindhoven. Dit boek vult die lacune op.

Vele malen heeft de samensteller gemeentearchieven in Drenthe en het rijksarchief in Assen bezocht om informatie te verzamelen over genoemde familie. Bij de eerder samen-gestelde familieoverzichten beperkte ons onderzoek zich voornamelijk tot het registreren van de geboorte-, de huwelijks- en de overlijdensdata van de voorouders in de rechte mannelijke lijn over het tijdvak vanaf circa 1800 tot 2000. Deze gegevens werden aangevuld met eventuele familiebescheiden en met informatie uit de bevolkingsregisters van de diverse gemeenten. In het Mulder-boek wordt daarvan afgeweken.Nu wordt ook aandacht besteed aan de broers en zusters van onze ouders, groot- en overgrootouders. Hun geboorte-, huwelijks- en overlijdensgegevens worden zoveel mogelijk vermeld en de desbetreffende akten zijn aan de bijlagen toegevoegd.

Het besluit om het familieonderzoek te beperken tot de periode 1800-2000 is genomen vanuit praktische overwegingen. Vóór het jaar 1811 bestond er in Nederland geen sluitend systeem voor de bevolkingsregistratie. De overheid speelde van oudsher een zeer bescheiden rol bij het verzamelen, registreren en bijhouden van de familiegegevens van de plaatselijke bevolking. Voor genealogische gegevens uit de tijd vóór 1811 zijn we aangewezen op de doop-, trouw- en begraafboeken van de plaatselijke kerken. Deze door de predikanten bijgehouden registers worden kortweg de "DTB-boeken" genoemd. De burgerlijke stand zoals we die nu kennen is door de Fransen ingevoerd. In Frankrijk wordt al in 1792 met de registratie van de burgerlijke stand, de zogenaamde"état civil", een aanvang gemaakt. Na de inlijving van het koninkrijk Holland bij Frankrijk op 9 juli 1810, wordt deze bevolkingsregistratie ook in Nederland ingevoerd. In 1811 worden de kerken verplicht hun DTB-boeken bij de plaatselijke overheid in te leveren om als grondslag te dienen voor het opzetten van een burgerlijke stand. Na het vertrek van de Fransen uit Nederland in november 1813is de burgerlijke stand hier vrijwel onveranderd blijven voortbestaan tot op de huidige dag.

Zoals gezegd zijn we voor stamboomonderzoek over de periode vóór 1811 aangewezen op de doop-, trouw- en begraafboeken van de plaatselijke kerken. Deze boeken berusten in de archieven van de kerkelijke gemeenten of in het rijksarchief van de provincie waarin de burgerlijke gemeente ligt. De doop- en trouwboeken van Smilde, Hijkersmilde en Kloosterveen zijn in copievorm in het rijksarchief Drenthe aanwezig. Ze gaan echter niet verder terug dan 1788, het jaar waarin de kerkelijke gemeente is ontstaan. Inwoners die vóór dat jaar in Smilde geboren werden, getrouwd of overleden zijn, vielen kerkelijk onder één van de omliggende gemeenten en werden dààr in de doop-, trouw- of begraaf-boeken ingeschreven. Wij zouden voor ons onderzoek naar de familie Mulder heel veel plaatselijke kerkarchieven uit de omgeving van Smilde moeten raadplegen. Stamboom-onderzoek wordt daardoor omslachtig en tijdrovend en vanwege de grote afstanden die afgelegd moeten worden erg kostbaar.

Er zijn ook "secundaire"archieven die bij genealogisch onderzoek geraadpleegd kunnen worden. Het speuren naar familiegegevens in bijvoorbeeld dagbladen of in kerkelijke-, gemeentelijke-, notariële-, waterschaps- en rechterlijke archieven vergt echter nog meer tijd. Die zoektochten kunnen jaren in beslag nemen. Van de hier genoemde secundaire bronnen zijn alleen het archief van de Arrondissmentsrechtbank te Assen over de jaren 1912 en 1913 en enkele lokale dagbladen over dezelfde jaren geraadpleegd. Voor het overige hebben we ons beperkt tot het verzamelen van geboorte-, huwelijks- en overlijdensgegevens, aangevuld met stukken uit het bevolkingsregister, familiebescheidenen familieverhalen.

In totaal zijn we voor het Mulder-boek meer dan twintig maal naar archiefinstellingen in Drenthe, Groningen en Friesland geweest. Ook hebben veel gemeentebesturen hun medewerking verleend door onze vragen schriftelijk te beantwoorden.
Kopieën van de geboorte-, huwelijks- en overlijdensakten alsmede de andere bescheiden zijn als genummerde bijlagen aan dit boek toegevoegd. Sommige kopieën zijn zeer slecht leesbaar. Omdat die stukken veel interessante gegevens bevatten hebben we geprobeerd de tekst zo goed mogelijk over te nemen en op de achterzijde van de kopie af te drukken.

Nieuwegein, juli 2001
J. Schut.

==================================================

Inleiding

Tegenwoordig heeft iedere Nederlander één of meer voornamen en een achternaam. Zowel de voor- als de achternaam wordt na de geboorte in een akte vastgelegd. De achternaam vererft in principe ongewijzigd van de vader op het kind. Vanaf 1811 krijgt elk kind de familienaam van de wettige vader en bij het ontbreken hiervan van de moeder.
Met ingang van 1 januari 1998 zijn de mogelijkheden verruimd. Kinderen van een echtpaar krijgen nog steeds in principe de familienaam van de vader, maar sindsdien bestaat de mogelijkheid om te kiezen voor de familienaam van de moeder. Men moet deze keuze kenbaar maken bij de aangifte van het eerste kind. De gemaakte keuze geldt daarna voor alle kinderen die uit dat huwelijk geboren worden.

Vroeger lag dat anders.
Tot aan het begin van de negentiende eeuw waren er geen officiële regels die het gebruik van namen reguleerden. Met de invoeringvan de burgerlijke stand in 1811 werd weliswaar geregeld dat achternamen van vader op zoon vererfden en gedurende het leven vast lagen, maar in de praktijk was men niet altijd even nauwkeurig met het navolgen van deze regels. Voornamen werden niet altijd hetzelfde geschreven en/of overgenomen. We komen dat ook herhaaldelijk tegen bij de families Mulder en Luchies.

Vóór 1811 hadden veel Nederlanders nog geen vaste achternaam, maar voerden een zogenaamd 'patroniem' of vadersnaam. Aan de voornaam van het kind werd de voornaam van de vader toegevoegd. Twee voorbeelden: Willem Hendriks betekent eigenlijk dat Willem een zoon is van Hendrik en dat Geertien Jans een dochter is van Jan. Ook personen met een vaste achternaam voerden nog dikwijls een patroniem, zowel vóór als na 1811. Een voorbeeld: Jannen Alberts Klok betekent dat Jannen een dochter is van Albert Klok. Bij de familie Bruinsma komen we dat ook tegen: Sietske Bruins Bruinsma betekent dat Sietske de dochter van Bruin Bruinsma. We komen daar later nog op terug.

Anders dan in het westen van het land wordt het patroniem in de noordelijke provincies niet voorzien van een aanduiding 'zoon' of 'dochter', zoals bij Michiel Adriaensz. De Ruyter en bij Rembrandt Harmensz. van Rijn.

Op 1 maart 1811 wordt in Nederland de Franse wetgeving ingevoerd. In die wetten worden allerlei zaken geregeld met betrekking tot het invoeren van een burgerlijke stand. Daarin is nagenoeg geen plaats voor kerkelijke bemoeienis met het registreren van de plaatselijke bevolking. Het doen van aangifte van geboorten en overlijden moet voortaan worden gedaan bij het gemeentebestuur. Datzelfde geldt voor de huwelijksvoltrekkingen.
Die moeten eerst door een ambtenaar van de burgerlijke stand worden voltrokken,voordat dit huwelijk kerkelijk ingezegend mag worden. Niet alle bruidsparen en predikanten houden zich aan die regels en sluiten ondanks het verbod toch hun huwelijk af voor dat het bruidspaar 'voor de wet' getrouwd is. Een schrijven van 10 juni 1811 aan de predikanten en kerken moet aan die praktijk een einde maken.

copia.

Prefecture van de Wester-eems.
De Prefect in het Departement van de WesterEems doet te weten:

Dat de Prefect in aanmerking hebbende genomen de twijfelingen, welke bij sommige gemeente-Besturen, Predikanten en particuliere Ingezetenen schijnen te bestaan, of zedert de invoering van het Wetboek Napoleon op den 1sten Maart 1811, de solemnisatie * van het Huwelijk als nog met effect alleen door de Leeraars der godsdienstige gezindheden kan geschieden, of die solemnisatie in allen gevalleeerst en vooraf door den Officier van den Burgerlijken Stand moet worden bewerkstelligd, in overeenkomst met alles, wat daaromtrent bij het gemeld Wetboek Napoleon is bepaald. - Na des-wegens de welmening van Zijne Excellentie den Heer Intendant van Binnenlandsche Zaken, te hebben ingewonnen, zich verplicht heeft gevonden, hieromtrent ter kennis van de Ingezetenen te brengen:
Dat de voltrekking van het Huwelijk door de Leeraren der onderscheidene godsdienstige gezindheden moet worden gehouden voor een zuiver godsdienstige plegtigheid, welke niets gemeens heeft met de Burgerlijke Acte van het Huwelijk, zoo als dezelve moet worden opgemaakt door den Officier van den Burgerlijken Stand, overeenkomstig de voorschriften van het Wetboek Napoleon; - zoodat de inzegening van (het, JS) Huwelijk door de leeraren der godsdienstige gezindheden niet kan geschieden, dan na dat door de getrouwde Personen naar behooren bewezen zij, dat hun Huwelijk Burgerlijk. dat is, voor den Officier van den Burgerlijken Stand, voltrokken zij; en waaruit al verder volgt, dat de Trouw-Registers, welke door de Leeraren gehouden worden, in geen geval de plaats kunnen (innemen, JS) van zoodanige Registers, welke volgens de Fransche Wet moeten dienen, om den Burgerlijken Stand der Franschen te bewijzen.
Dat overznlks de voltrekking der Huwelijken moet geschieden door de Gemeente-Besturen, of een der Leden van dezelve, welke tot de waarneming der functien van Officier van den Burgerlijken Stand is gecommitteerd, en dat de Acten daarvan moeten worden opgemaakt overeenkomstig de bepalingen, daaromtrent bij het Wetboek Napoleon vastgesteld; en eindelijk, dat de inzegening door de Leeraren van de godsdienstige gezindheden, voor zooveel dezelve door de reeds bij de Burgerlijke Autoriteiten getrouwde personen mogte worden verlangd, niet behoort te geschieden, dan op vertoning van een Certificaat van den Maire of Gemeente-Bestuur, of van den geenen, die de functien van Officier van den Burgerlijken Stand waarneemt, dat het Huwelijk Burgerlijk voltrokken is.
En opdat deze kome ter kennis van een ieder, zal dezelve op de gewone plaatsen in dit Departement worden aangeslagen.
    Groningen den 10 Junij 1811.
    (onder stond)
                                                De Prefect voornoemd
                                                (get.)
H.L. Wichers.

Op grond van op 18 augustus 1811 uitgevaardigde decreten zijn alle inwoners van het voormalige koninkrijk Holland verplicht hun achternaam te laten registreren. Wie geen vaste familie- of achternaam had, moest er één aannemen en daarvan door het gemeentebestuur een akte laten opmaken. Die registratie vond niet eerder plaats dan eind 1811 en begin 1812. Niet iedereen hield zich aan de verplichting een vaste achternaam aan te nemen. Daarom werden ook in het jaar 1826 registers opgemaakt om de niet eerder geregistreerde familienamen vast te leggen. De daarvan opgemaakte akten vormen gezamenlijk de 'Registers van naamsaanneming'. Er zijn slechts weinig registers van naamsaanneming bewaard gebleven.

Voor zover we hebben kunnen nagaan voerde de familie Mulder vóór 1811al een eigen familie- of achternaam.

*: Met solemniteit wordt plechtigheid bedoeld.

 

Familienaam: MULDER

De geslachts-of familienaam Mulder is een zogenaamde 'beroepsnaam' en één van de vele namen die verwijzen naar het beroep van molenaar of naar de molen. In totaal zijn er meer dan vijfentwintig familienamen die van de molen zijn afgeleid. Daarbij spelen uitspraak, tongval en het plaatselijke dialect een belangrijke rol. Johan Winkier zegt daarover in paragraaf 314 van zijn boek: 'De Nederlandsche Geslachtsnamen' het volgende: *2

"Geen bedrijf dat meer aanleiding heeft gegeven tot het ontstaan van maagschapsnamen, (aan elkaar verwante namen, JS) dan dat van den molenaar. En de omstandigheid dat juist dit bedrijf in de verschillende gouspraken (streektaal, JS) van Nederland, en naar de onderscheidene tongvallen der Nederlanders, zoo verschillend genoemd wordt, is oorzaak dat hier te lande de namen van allen die naar den molen heeten, zoo veel verscheidenheid aanbieden. Zie hier, in hoofdzaak, die namen opgenoemd: Molenaar, De Molenaar, Moolenaar, De Moolenaar, Meulenaar, De Meulenaar, Meulenaere, De Meulenaere, Meuleneere, De Meuleneere, Muller, MULDER, De Mulder.
(...) In samenstelling komt de naam Mulder of Muller ook geenszins zeldzaam voor, bijv. Kruysmulder, Lindemulder, BergmulIer, Kortmuller enz.

Andere familienamen afgeleid van het beroep molenaar zijn: Van der Molen, Van der Meulen, Van der Muelen, ter Meulen, Vermeulen enz.

*2: De Nederlandsche Geslachtsnamen. Goedkoope Uitgaaf.
Haarlem,
B.D. Tjeenk Willink.

 

HENDRIK MULDER / GRIETIEN JANS ELSIES

Ons genealogisch onderzoek naar de familie Mulder begint aan het einde van de achttiende eeuw met Hendrik Mulder. Hij is in 1783 geboren in Kloosterveen –gemeente Smilde. Zijn vader is Roelof Mulder, de naam van zijn moeder is niet bekend. Hendrik gaat op 15 maart 1807 in ondertrouw met Grietien Jans Elsies.
Haar voornaam komen we in de archiefstukken ook tegen als Geertien, Geertje, Grietje en Grietjen. Het huwelijk vindt plaats op 5 april 1807 in de Ned. Herv. Kerk van Kloosterveen. De buidegom is dan vierentwintig, de bruid drie jaar jonger. De afkortingen J.M. en J.D. staan voor jongeman en jongedochter. Die afkortingen zeggen echter niets over de leeftijd van het bruidspaar; ze geven alleen aan dat beiden nog niet eerder getrouwd zijn geweest. Een bruid of bruidegom die pas op latere leeftijd voor het eerst in het huwelijktreedt wordt ook aangeduid met jongedochter of jongeman.

    Grietien Jans Elsies is in 1787 geboren,ook in Kloosterveen. Zij is een dochter van Jan Elsies en Grietje Hendriks Moes. Grietien Mulder-Elsies bevalt op 6 januari 1808 van een dochter. Dit kind wordt op 10 januari gedoopt, waarbij het de naam Wubbegje ontvangt. Verdere gegevens over dit meisje ontbreken. In de huwelijks- en overlijdensregisters van alle gemeenten in de provincie Drenthe komt haar naam niet voor.

Niet onwaarschijnlijk is dat Wubbegje al overleden is nog voordat in 1811 de burgerlijke stand wordt ingevoerd. Wel staat vast dat Grietje Jans Elsies in 1828 bevalt van een dochter die Wubbechien wordt genoemd.
In 1809 wordt het gezin Mulder-Elsies uitgebreid met een zoon Jan. Deze jongen wordt op de 21e van de 'oogstmaand' (Met de oogstmaand wordt augustus bedoeld. JS) 1809 geboren en zes dagen later gedoopt.

In het voorjaar van 1811 is Grietje weer zwanger. Op 13 september van genoemd jaar bevalt ze van een zoon die naar zijn grootvader van vaders kant wordt vernoemd en de naam Roelof krijgt.
    In het voorwoord hebben we aangegeven dat in 1811 de burgerlijke stand wordt ingevoerd. Vanaf de invoering daarvan zijn de inwoners verplicht van eventuele geboorten, huwelijken en overlijden aangifte doen of te laten doen bij het gemeentebestuur van hun woon- of verblijfplaats. Hendrik Mulder voldoet aan die verplichting door op 14 september 1811 op het gemeentehuis van Smilde de geboorte van zijn zoon aan te geven. De jonge vader is in zijn jeugdjaren waarschijnlijk niet naar school geweest want hij ondertekent de geboorteakte met het zetten van een kruismerk.

    Hoewel de doopregisters van de kerken geen officiële status meer hebben houden de kerken nog wel een doopboek bij. Roelof wordt op 22 september 1811 gedoopt en in het doopboek van Kloosterveen ingeschreven.

    Op 3 december 1813 wordt Sent geboren. Niet onwaarschijnlijk is dat deze zoon Vernoemd is naar de voorouders van Geertien Jans waarmee de voornaam Cent in de familie Mulder en later in de familie Schut is gekomen. Zekerheid daarover hebben we echter niet. Sent of Cent is een voornaam die in de provincie Drenthe nog regelmatig voorkomt.

    Hoe groot het gezin van Hendrik Mulder en Geertien Jans Elsies is geweest.weten we niet precies. Wel is zeker dat er na de geboorte van Sent nog vier kinderen bijkomen. Op 9 maart 1816 wordt Lammert geboren en op 17 juni 1825 is het gezin uitgebreid met een dochter, die de naam Grietje krijgt. Hierna worden nog twee meisjes geboren; Wubbechien op 19 maart 1828 en Annigje Mulder op 3 oktober 1832. Als Annigje wordt geboren is Hendrik Mulder achtenveertig en zijn vrouw vier en veertig jaar oud. Dit betekent dat in de geboorteakte van Wubbechien een verkeerde leeftijd van haar moeder Geertien Jans Elsies staat. Haar moeder is dan geen negen en dertig maar veertig jaar oud. Of er tussen de jaren 1816 en 1825 en tussen 1828 en 1832 nog meer kinderen geboren zijn weten we niet zeker maar is gezien de lange reeks van tussenliggende jaren, wel waarschijnlijk.We hebben daar verder geen onderzoek naar gedaan.
    Hiervoor is aangegeven dat Hendrik Mulder niet kon schrijven en de geboorteakte van zijn zoon Roelof ondertekent door het zetten van een kruismerk. De geboorteakten van Sent en Annigje worden door hem ook niet ondertekend. Frappant detail is dat hij wel zijn handtekening zet onder de geboorteakte van zijn dochter Wubbechien, maar in maart 1832 weer te kennen geeft niet te kunnen schrijven.Wat hiervan de reden is geweest is niet bekend. Kon hij inderdaad lezen noch schrijven en had hij de geboorteakte van Wubbechien ondertekend door zijn naam letterlijk van een voorbeeld na te tekenen of was hij in 1832 misschien gewond aan zijn handen, waardoor hij niet in staat was de akte te ondertekenen?

    Het lager onderwijs was vroeger niet kosteloos. Aan het begin van de negentiende eeuw was het niet ongebruikelijk dat voor elk kind per kwartaal bedragen variërend van f. 1,25 tot f. 2,50 betaald moest worden. Ouders van kinderrijke gezinnen konden dat geld meestal niet opbrengen. Het gevolg daarvan was dat deze kinderen van onderwijs verstoken bleven. Om in die ongewenste situatie verandering te brengen werden door veel gemeente-besturen in de wintermaanden zogenaamde "Avondscholen" opgericht, waarin zij die vroeger geen onderwijs genoten hadden, tegen geringe kosten konden leren lezen, schrijven en rekenen. Het is zeer wel mogelijk dat Hendrik Mulder dit avondonderwijs gevolgd heeft en op die manier "de kunst van het schrijven" heeft geleerd.

    Twee weken na de geboorte van Wubbechien wordt haar broer Jan opgeroepen om zich te laten keuren voor de Nationale Militie. (2 april 1828) Jan Mulder is erg klein voor zijn leeftijd. Uit het lotingsregister van de gemeente Smilde over het jaar 1828, aanwezig in het Rijksarchief te Assen, (Toegang 0040. Inv. nr. 450016. Rijksarchief Assen) blijkt dat Jan slechts 153,5 centimeter groot is. Omdat hij de minimale lichaamslengte van 155 centimeter niet haalt wordt hij voorlopig afgekeurd en "voor een jaar vrijgesteld" van deze dienstplicht. In 1829 volgt een nieuwe keuring. (1 mei 1829) Hij blijkt dan 3,5 centimeter gegroeid te zijn. Met een lengte van 157 centimeter voldoet hij wel aan de gestelde keuringseisen zodat hij alsnog wordt goedgekeurd en ingelijfd bij het Reserve Bataljon 7e Afdeeling Infanterie. Wanneer hij die dienstplicht vervuld heeft weten we niet precies.
    Jan
trouwt op 9 februari 1838 met de 21-jarige Harmtjen Kraak, geboren 25 oktober 1816 in Noordwolde. Zij is een dochter van Jan Harmens Kraak en Sipke Theunes. Waarschijnlijk zit Jan Mulder dan nog "voor zijn nummer" in dienst bij de Nationale Militie en is hij gelegerd in 's Hertogenbosch, want bij de huwelîjksbijlagen bevindt zich een stuk waarin zijn commandant toestemming voor dit huwelijk geeft. Jan Mulder overlijdt op 9 juni 1879 in Nieuw-Amsterdam.

Zijn broer Roelof stapt op 22 april 1833 in het huwelijksbootje met Anna Oosterga. Daarover meer in het hoofdstuk ROELOF MULDER / ANNA OOSTERGA.

Sent Mulder treedt op 15 oktober 1836 in het huwelijk met Jantje Nuijs. Hij is 22, zij 36 jaar oud en weduwe van Gerrit Jan van Diepenveen. Sent overlijdt op 3 juni 1889 in Bovensmilde.

Lammert Mulder trouwt op 24 april 1862 met Grietje Pomper. Zij is op 9 juni 1830 in Smilde geboren. Haar ouders zijn Hendrik Folkerts Pomper en Jantien Klazens. Het huwelijk van Lammert en Grietje duurt slechts zes jaar, want Grietje Pomper overlijdt op 7 juni 1868. Lammert Mulder is daarna niet meer getrouwd geweest. Hij overleeft zijn vrouw bijna elf jaar en overlijdt op 28 april 1879.

Grietje Mulder trouwt met Gerrit Kiers, zoon van Jan Bruggink Kiers en Harmtien Gerrits Alfing. Beide huwelijkspartners zijn een en twintig jaar oud als zij op 14 mei 1847 in het huwelijksbootje stappen. Op 10 augustus 1859 wordt Grietje Mulder weduwe, maar vijf jaar later heeft ze in Roelof Snippe een nieuwe levenspartner gevonden. Huwelijksdatum: 17 november 1864. Roelof is een zoon van Hendrik Wolters Snippe en Jantien de Vries. Grietje's tweede echtgenoot heeft dan ook al een eerder huwelijk achter de rug. Hij is weduwnaar van Trijntje Kwant. Bij hun tweede huwelijk is Grietje Mulder negenendertig, haar tweede echtgenoot zevenendertig jaar oud. Roelof Snippe overlijdt op 20 mei 1892. Zijn vrouw overleeft hem ruim twintig jaar.
Grietje Mulder overlijdt op 88-jarige leeftijd op 6 maart 1914.

De op 19 maart 1828 geboren Wubbechien treedt op 25 mei 1852 in het gemeentehuis van Smilde in het huwelijk met de 25-jarige Hendrik Dik, zoon van Jan Lamberts Dik en Jacobje Nolles. Zes weken vóór de huwelijksdatum bevalt Wubbechien van een dochter die vernoemd wordt naar de moeder van de bruidegom. In de huwelijksakte wordt daarover het volgende gezegd:

"Voorts verklaarden ons deze gehuwden voor het hunne te erkennen een Kind genaamd Jacobje, geboren alhier den Elfden der vorige maand April, waarvan de geboorteacte hierbij is overgelegd. "

Annigje Mulder is vijfentwintig jaar oud als zij op 30 april 1858 trouwt met Jan Snippe, oud 22 jaar, zoon van Albert Snippe en Jacobje Gellius Joustra. Dit huwelijk is van heel korte duur. Negen maanden na de huwelijksvoltrekking overlijdt Annigje Mulder, vermoedelijk in het kraambed. Overlijdensdatum 29 jan. 1859.
Nog geen vijf maanden na de begrafenis van zijn eerste vrouw hertrouwt Jan Snippe met Hendrikje Woltman, dochter van Jacob Woltman en Annechien Hoogeveen.

Grietje Jans Mulder-Elsies maakt het tragisch overlijden van haar dochter Annigje niet meer mee. Zij is vier jaar eerder op 68-jarigeleeftijd overleden.

    Hendrik Mulder overlijdt op 5 april 1869. Hij is dan vijfentachtig jaar oud en weduwnaar.

 

 

ROELOF MULDER / ANNA OOSTERGA

Voorgaand hebben we gezien dat Roelof Mulder op 13 september 1811 in Kloosterveen geboren is. Of hij de lagere school doorlopen heeft weten we niet zeker. Omdat hij zijn huwelijksakte en later de geboorteakten van zijn kinderen ondertekent is de veronderstelling gerechtvaardigd dat hij op zijn minst enig onderwijs genoten heeft. Evenals zijn vader is Roelof arbeider van beroep. Niet duidelijk is of daarmee een dagloner of een land-, veen- of fabrieksarbeider wordt bedoeld.
Roelof Mulder treedt op 22 april 1833 in het huwelijk met Anna Oosterga. Zij is op 30 oktober 1813 in Smilde geboren, maar haar ouders Jeene Martens en Arentien Karsten zijn afkomstig uit Friesland. Jeene Martens is op 10 januari 1790 in Oosterwolde geboren en arbeider van beroep. Hij overlijdt op 8 februari 1873. Arentien of Arentje Karsten is vijf jaar ouder dan haar man. Zij komt in 1785 in Noordwolde ter wereld. Ook zij bereikt een voor die tijd hoge leeftijd. Op 6 april 1864 overlijdt ze op negenenzeventigjarige leeftijd. In 1826 neemt Jeene Martens de familienaam Oosterga aan.
    We laten hieronder eerst de geboorteakte van Anna Oosterga volgen.


    De huwelijksvoltrekking tussen Roelof Mulder en Anna Oosterga vindt plaats in het gemeentehuis van Smilde. Roelof is dan eenentwintig en Anna negentien jaar oud. De ouders van zowel de bruid als van de bruidegom zijn bij dit huwelijk aanwezig. We weten van Hendrik Mulder, de vader van de bruidegom, dat hij op één akte na de geboortecertificaten van zijn kinderen niet heeft ondertekend. Ook onder de huwelijksakte van zijn zoon Roelof en Anna Oosterga staat geen handtekening van hem, terwijl Geertien Jans Elsies wel tot de ondertekenaars behoort. Bij de ouders van de bruid is het juist andersom. Haar vader zet wel zijn handtekening maar de moeder van de bruid zegt 'niet te kunnen schrijven'.

    Bij de huwelijksakte behoren drie bijlagen. Naast uittreksels uit het geboorteregister van de gemeente Smilde bestaan die bijlagen verder uit een bewijs dat de bruidegom ingeschreven staat bij de Nationale Militie, de voorloper van de latere militaire dienstplicht voor jongemannen. Deze drie huwelijksbijlagen worden op de volgende pagina’s in dezelfde volgorde weergegeven waarin zij in de huwelijksakte worden genoemd;eerst de uittreksels uit de geboorteregisters en daarna het certificaat van de Nationale Militie.


    De tekst van het uittreksel uit het geboorteregister van Anna Oosterga luidt:


    De tekst van het certificaat van de Nationale Militie luidt als volgt:


    Uit het certificaat van de Nationale Militie blijkt dat aan Roelof Mulder tenminste één jaar uitstel wordt verleend 'wegens broederdienst' omdat zijn broer nog in militaire dienst zit. We hebben niet onderzocht van wanneer tot wanneer Roelof aan zijn dienstplicht heeft voldaan.

Nationale Militie.

Elke man moest van 1811 tot medio 1996 militaire dienstplicht vervullen. Alle jongemannen die de leeftijd van twintig jaar bereikt hadden, waren dienstplichtig. De eerste verplichte militaire dienst in Nederland werd in de Franse tijd ingevoerd en heette de "conscriptie". (Conscriptie is loting voor militaire dienst) In de periode 1810-1813 vervulden circa dertigduizend Nederlandse mannen hun dienstplicht in het Franse leger. De helft hiervan behoorde tot het "Grande Armée", waarmee Napoleon in 1812 Rusland binnenviel.
    De Nationale Militie is onmiddellijk nadat de Fransen in november 1813 Nederland verlaten hadden, ingesteld. Op 20 december 1813 werd het 'Reglement van Algemene Volkswapening, Landstorm en Landmilitie' door de Nederlandse overheid aangenomen. De landstorm kon worden ingezet bij de verdediging van de eigen woonomgeving, de landmilitie bij de verdediging van het vaderland. De Nationale Militie bestond uit 22.000 man. In beginsel waren dat vrijwilligers; jonge ongehuwde mannen in de leeftijd van 18 tot 22 jaar. De dienstplicht duurde vijf jaar. Elke gemeente in Nederland moest op elke honderd inwoners één vrijwillig militielid leveren. Om een geregelde aanvulling te garanderen werd het land in militiedistricten verdeeld. Ieder district was weer opgedeeld in kantons van 10.000 inwoners. Gewoonlijk waren deze kantons niet in staat het vastgestelde contingent vrijwilligers te leveren. Het aantal recruten werd dan aangevuld met zogenaamd "lotelingen". Op een vastgestelde datum werd daartoe in de hoofdplaats van het kanton geloot. De ingeschreven persoon trok dan een nummer. De personen met de laagste nummers vulden het contingent aan totdat het op sterkte was. Als de loteling bij zijn huwelijk zijn volledige diensttijd nog niet had vervuld, dan moest de bruidegom aan de commandant van zijn legeronderdeel toestemming vragen om te mogen trouwen. We hebben ook gezien bij Jan Mulder die van zijn compagniescommandant toestemming krijgt om te mogen trouwen.
    Bij de Nationale Militie bestond ook de mogelijkheid zich bij de inloting door een "remplaçant" te laten vervangen, waarvoor bedragen van enkele honderden guldens aan de vervanger moest worden betaald. Een tweede mogelijkheid was de dienst te laten waarnemen door een "nummerwisselaar".Een vrijgelote dienstplichtige met een hoger lotingsnummer nam dan de plaats in van een ingelote dienstplichtige met een laag lotingsnummer uit dezelfde lichting en gemeente. Ook daar stond een financiële vergoeding tegenover. Door de invoering van de persoonlijke dienstplicht bij wet van 2 juli 1898 werd het systeem van remplaçanten afgeschaft.
Op 1 maart 1922 werd de Dienstplichtwet van kracht waardoor de nationale militie werd opgeheven en de dienstplicht voor land- en zeemacht werd ingevoerd. In deze nieuwe wet bleef de procedure van inschrijving en loting van dienstplichtigen vrijwel gelijk. Het lotingssysteem werd pas geheel afgeschaft op 21 februari 1938. De militaire opkomstplicht is per 31 augustus 1996 afgeschaft, zodat de krijgsmacht weer uitsluitend uit beroepsmilitairen bestaat.

Roelof Mulder en Anna Oosterga krijgen negen kinderen. Van deze kinderen volgen hieronder hun namen, beroep, geboorte-, huwelijks-en overlijdensdatum. Hun geboorte- en overlijdensakten zijn als genummerde bijlagen aan dit boek toegevoegd (zie hoofdstuk BIJLAGEN). De namen van hun respectievelijke huwelijkspartners, de huwelijksdatum en de overlijdensdatum van deze partners zijn overgeschreven uit het computerbestand van het rijksarchief te Assen. Met uitzondering van het gezin van Cent Mulder hebben we naar de gezinssamenstelling van de kinderen van Roelof Mulder en Anna Oosterga geen onderzoek gedaan.
Over Cent Mulder meer in het hoofdstuk CENT MULDER / MARCHIEN DALING

1: Jeene Mulder
Arbeider van beroep. Geboren op 19 december 1833. Hij treedt op 14 mei 1870, op 36-jarige leeftijd, in het huwelijk met de 51-jarige Grietje Idema, zonder beroep, weduwe van Jan de Graaff. Grietje is op 29 oktober 1818 in de gemeente Opsterland geboren; dochter van Wilt ldema en Egbertje Jans.
Grietje
overlijdt op 10 juli 1892 in Kloosterveen. Jeene Mulder hertrouwt ruim een jaar later. Op 27 oktober 1893 trouwt hij met Jantje Hummel. Hij is dan bijna zestig jaar oud, zij vijfenvijftig en weduwe van Deeuwes Wijnhoud. De ouders van Jantje zijn Hendrik Hummel en Jitske Jans Feijen.
Jantje Hummel
overlijdt op 23 juli 1915 in de gemeente Smilde. Ze is dan 77 jaar oud. Jeene Mulder overleeft zijn tweede vrouw bijna drie jaar. Op 14 maart 1918 overlijdt hij op 84-jarige leeftijd.

2: Hendrik Mulder
Arbeider van beroep. Geboren op 13 april 1836. Hij treedt op 26 oktober 1859 te Smilde in het huwelijk met Janna Doek. Hendrik is dan 23 jaar; zijn kersverse echtgenote een jaar ouder. Ze is een dochter van Jan Doek en Aaltje Joustra.
Janna Doek
overlijdt op 13 oktober 1925 in de gemeente Smilde. Ze is dan 89 jaar oud.
Hendrik Mulder
wordt niet ouder dan 72 jaar. Hij is al op 27 september 1908 Overleden.

3: Jan Mulder
Arbeider van beroep. Geboren op 14 december 1838. Hij is in totaal drie keer getrouwd geweest. Op 12 februari 1864 treedt hij in het huwelijk met de 28-jarige Margaretha Ax. Hijzelf is dan 25. Verdere gegevens over Margaretha Ax ontbreken. Zeker is dat zij voor mei 1881 overleden is want op 20 mei 1881 hertrouwt Jan Mulder met Jantje Tingen, geboren op 17 juli 1830 in de gemeente Smi1de. Zij is een dochter van Jan Tingen en Grietje Zwiers. Het huwelijk met zijn tweede vrouw duurt slechts 4,5 jaar, want op 24 november 1885 wordt Jan Mulder opnieuw weduwuaar.
Op 29 maart 1888 treedt Jan Mulder voor de derde maal in het huwelijk, nu met Grietje Vennik. Zij is op 8 april 1836 geboren in Smilde, dochter van Egbert Vennik en Roelofje Berghuis.
Jan Mulder
overlijdt op 23 augustus 1909 in Kloosterveen. Op 8 oktober 1912 overlijdt Grietje Vennik in Kloosterveen.

4: Marten Mulder
Arbeider van beroep. Geboren 13 september 1841. Marten is 22 jaar als hij op 12 mei 1864 in het huwelijk treedt met de 24-jarige Aaltje Doek, dochter van Jan Doek en Aaltien Gellius Joustra uit Smilde.
Marten Mulder
overlijdt op 30 oktober 1893 in Nieuw-Amsterdam.
Zijn weduwe hertrouwt daarna met Wietse Joldersma. Aaltje Doek wordt niet ouder dan 68 jaar. Ze overlijdt op 21 november 1908 in Nieuw-Amsterdam. Haar tweede man is dan ook al overleden.

5: Geertje Mulder
Geboren op 1 januari 1845. Trouwt op 21 maart 1868 in het gemeentehuis van Smilde met de 21-jarige Lambert Joldertsma, oud 19 jaar. Over haar zijn geen verdere gegevens bekend.

6: Arentje Mulder
Geboren op 6 september 1847. Op 18-jarige leeftijd trouwt. zij met Gellius Doek, geboren op 19 oktober 1842 en arbeider van beroep. Trouwdatum 26 april 1866. Zoon van Jan Hendriks Doek en Aaltje Gellius Joustra. Het huwelijk van Arentje Mulder en Gellius Doek duurt slechts enkele jaren. Precies op de dag dat zij zes jaar getrouwd zijn overlijdt hij op 26 april 1872 in de gemeente Smilde. Op één dag na twee jaar later gaat Arentje een nieuwe huwelijksrelatie aan.
Op 25 april 1874 hertrouwt ze met Johannes Buning, 33 jaar oud en weduwnaar van Luttien Doek.
Arentje Mulder
overlijdt - zeventig jaar oud - op 18 januari 1918 in Veenoord, gemeente Sleen. Haar tweede man overleeft Arentje tien jaar. Johannes Buning sterft op 6 mei 1928 in de gemeente Sleen. Hij is dan 87 jaar oud.

7: CENT MULDER
Geboren op 26 februari 1850. MEER OVER HEM IN HET HOOFDSTUK CENT MULDER / MARCHIEN DALING

8: Fokke Mulder
Geboren 16 oktober 1852. Arbeider van beroep. Fokke wordt slechts 27 jaar oud. Hij overlijdt ongehuwd 'ten zijnen huize, Wijk B. Nummer vijf en negentig' op 7 juli 1880.

9: Anna Mulder
Zij wordt geboren op 22 februari 1855 en niet op 22 februari 1835 zoals in sommige stukken van het bevolkingsregister vermeld staat. Anna trouwt op 14 april 1882 met Kornelis Brunsting. Zij is 27 jaar, hij een jaar jonger.

Wat in het bovenstaand overzicht opvalt is dat drie kinderen uit het gezin van Roelof Mulder en Anna Oosterga trouwen met drie kinderen van Jan Hendriks Doek en Aaltje Gellius Joustra.
Hendrik Mulder trouwt met Janna Doek
Marten Mulder met Aaltje Doek
Arentje Mulder met Gellius Doek.

Kort na hun huwelijk gaan Roelof Mulder en Anna Oosterga over van de Nederlandse Hervormde Kerk naar de Christelijk Afgescheiden Kerk en in 1869 naar de Christelijk Gereformeerde Kerk. Omdat Anna Oosterga dan al overleden is maakt zij deze laatste overgang niet meer mee.

AFSCHEIDING

Voor de Nederlandse Hervormde Kerk is de negentiende eeuw een periode van verdeeldheid, strijd en verzet geweest. Diverse keren wordt de kerk geconfronteerd met ambtsdragers en gemeenteleden die tegen de kerkelijke hiërarchie in opstand komen, nadat in 1816 een nieuwe kerkelijke structuur is ingevoerd. In dat jaar werd het "Algemeen reglement voor het bestuur der Hervormde Kerk in het Koningrijk der Nederlanden" van kracht. Kenmerkend voor deze regeling was een min of meer ambtelijke bestuursstructuur, waarbij belangrijke uitgangspunten van het oude 'gereformeerde' kerkrecht werden verlaten. Voor de toenmalige oude" gereformeerde" kerk betekende die wijziging dat:

1: De Dordtse Leerregels van 1619 werden vervangen door een Algemeen Reglement.
2: De bestuursopbouw van onderaf - kerkeraad, classis, provinciale en generale synode – werd veranderd in een van bovenaf opgelegde structuur.
3: De naam 'gereformeerd' werd vervangen door 'hervormd'.

Een ander geschilpunt was de zogenaamde 'proponentsformule'.Daarin zijn de aanstaande predikanten niet langer gebonden zich aan de belijdenisgeschriften te houden. Ook de invoering van de 'Evangelische Gezangen' in 1807 was velen een doorn in het oog. Met name ds. Hendrik de Cock uit het Groningse Ulrum, keerde zich in woord en geschrift tegen de liberalisering van de kerk. Naar aanleiding van zijn protesten werd hij door het Classicaal Bestuur van Middelstum geschorsten door het Provinciaal kerkbestuur afgezet. De Generale Synode nam het vonnis over, maar gaf ds. De Cock een half jaar de tijd 'om zich op de ontstane situatie te beraden'. Nog voor die termijn verstreken was tekent hij samen met zijn gemeente- en kerkeraad, in oktober 1834 de "Akte van Afscheiding of Wederkeering". Men scheidde zich af van het Hervormde Kerk, om 'weder te keren tot de ware kerk', die weer zou leven naar de beginselen van de Dordtse kerkorde. Op meerdere plaatsen volgde men het voorbeeld van ds. De Cock en zijn gemeente. De Nederlandse Hervormde Kerk ziet de Afscheiding met lede ogen aan. Op verzoek van de Synode grijpt de overheid keihard in. Godsdienstbijeenkomsten van afgescheiden gemeenteleden worden de eerste jaren vrijwel onmogelijk gemaakt, hun voorgangers gevangen gezet en de gemeenteleden bedreigd en bespot. Ondanks de tegenwerking groeit de groep van afgescheiden gemeenten tegen de verdrukking in. In 1836 zijn de Nederlandse overheid en de Nederlandse Hervormde Kerk bereid de strijdbijl te begraven, indien de afgescheiden gemeenten zich als een nieuwe kerkformatie willen aanmelden. Ze moeten dan ook afstand doen van de naam 'gereformeerd'. Sommige gemeenten gaan, zij het schoorvoetend, akkoord en sluiten zich aanéén tot het landelijk kerkverband met de naam 'Christelijk Afgescheiden Kerk'. Een aantal afgescheiden gemeenten weigert onder die voorwaarden erkenning aan te vragen en gaan gezamenlijk verder als 'Gereformeerde Kerken onder het Kruis'. De term "onder het kruis" is ontleend aan de tijd van de Reformatie, toen wegens de onderdrukking heimelijke of in het verborgene bestaande gemeenten ook wel 'Kruisgemeenten' of 'Gemeenten onder het Kruis' werden genoemd.
Deze toestand duurde voort tot 1869, in welk jaar de meeste kruisgemeenten zich met de Christelijk Afgescheiden Gemeenten verenigden tot een kerkgenootschap, dat de naam 'Christelijke Gereformeerde Kerk' ging voeren.

Het is hierboven al aangehaald dat Anna Oosterga de overgang naar de Christelijk Gereformeerde Kerk niet heeft meegemaakt omdat ze dan al overleden is. Ze overlijdt op 46-jarige leeftijd op 17 maart 1860.

Roelof Mulder overleeft zijn vrouw zeventien jaar. Hij overlijdt op 65-jarige leeftijd in Kloosterveen, gemeente Smilde. Zijn overlijdensdatum: 13 juni 1877.

 

CENT MULDER / MARCHIEN DALING

    Cent Mulder is de volgende voorouder aan wie we in dit boek wat meer aandacht zullen besteden. Hij is onze grootvader, overgrootvader of betovergrootvader van moederszijde. Cent is op 26 februari 1850 in Smilde geboren als het zevende kind van Roelof Mulder en Anna Oosterga. De geboorteaangifte vindt twee dagen later plaats. Evenals alle andere geboorteakten ondertekent Roelof Mulder ook deze akte. Wat daarbij opvalt is dat hij alle akten ondertekent als R. Mulder. Behalve die van zijn zoon Cent. Daaronder wordt door hem de handtekening R. H. Mulder gezet, dus inclusief het patroniem van zijn vader Hendrik Mulder.

    Na de lagere school doorlopen te hebben verdient Cent Mulder zijn brood als arbeider. Van 4 mei 1870 tot 3 mei 1875 is hij voor de Nationale Militie ingelijfd bij het 6e Regiment Infanterie. Als Cent 32 jaar oud is treedt hij in het huwelijk met de op 23 oktober 1851 in Smilde geboren Marchien Daling. Zij is dienstbode van beroep. Omdat ze "de kunst van het schrijven niet verstaat" mogen we er van uitgaan dat de bruid in haar jeugd geen onderwijs genoten heeft. Marchien is een dochter van Remmelt Daling en Grietien of Grietje Moes. Remmelt en Grietien Daling-Moes zijn respectievelijk op 13 mei 1812 en 16 april 1815 in de gemeente Smilde geboren. Ze blijven hun gehele leven in deze gemeente wonen. Remmelt Daling overlijdt op 2 november 1891 in Kloosterveen. Hij is dan 79 jaar oud. De moeder van Marchien Daling en de beide ouders van Cent Mulder maken het huwelijk van hun kinderen niet meer mee. Grietien Moes is op 6 mei 1878 overleden (43) terwijl Anna Oosterga en Roelof Mulder respectievelijkop 17 maart 1860 en 13 juni 1877 gestorven zijn.
Hieronder volgt de tekst van de geboorteakte van Marchien.

    Cent Mulder is belijdend lidmaat van de Christelijk Gereformeerde Kerk, Marchien Daling is Nederlands Hervormd, maar gaat na haar trouwen over naar het kerkgenootschap van haar man.
    De huwelijksvoltrekking tussen Cent Mulder en Marchien Daling vindt plaats op 29 april 1882. Hieronder volgt eerst de tekst van de huwelijksakte, daarna die van de bijbehorende huwelijksbijlagen. In deze bijlagen bevinden zich naast de gebruikelijke uittreksels uit het geboorteregister en het bewijs van de voldoening aan de dienstplicht bij de Nationale Militie ook zogenaamde "Certificaten van Onvermogen". Deze certificaten worden van gemeentewege verstrekt aan bruidsparen die niet in staat zijn de kosten te betalen welke verbonden zijn aan het opmaken van de huwelijksakte en de uittreksels uit de geboorteregisters.
De tekst van de huwelijksakte luidt:

    Voorgaand hebben we gezien dat Roelof Mulder Sr. op 13 juni 1877 in zijn huis in Kloosterveen, wijk B. No. 95, overleden is. Zes van zijn negen kinderen zijn dan al getrouwd en het huis uit. Alleen Cent, Fokke en Anna Mulder hebben nog geen trouwplannen en wonen in 1877 nog bij hun vader thuis. Ze blijven, ook na het overlijden van hun vader, in hetzelfde huis wonen. Cent Mulder wordt de nieuwe hoofdbewoner. Zijn inwonende broer Fokke overlijdt ongehuwd op 7 juli 1880. Anna trouwt op 14 april 1882 met Kornelis Brunsting en trekt bij haar echtgenoot in. Als gevolg daarvan blijft Cent Mulder alleen achter in de woning. Erg lang duurt dat niet want twee weken later treedt hij in het huwelijk met Marchien of Margje Daling.
   
Cent Mulder en Marchien Daling krijgen vier kinderen. Allemaal jongens, die in Smilde geboren worden. Hieronder volgen de voornamen en geboortedata van deze kinderen, de namen van hun huwelijkspartners, de respectievelijke trouwdata, aangevuld met enige andere en familiegegevens.

    1. ROELOF MULDER. is geboren op 24 maart 1883 te Kloosterveen. Hij treedt op 15 maart 1906 in Emmen in het huwelijk met Hilligje Moes, dochter van Gosen Moes en Annigjen Salomons. Hilligje wordt op 18 maart 1881 in HollandscheveId, gemeente Hoogeveen geboren. Haar vader is schipper van beroep. In de geboorteakte staat nadrukkelijk vermeld dat Hilligje aan boord van het schip geboren wordt. Annigje Salomons maakt het huwelijk van haar dochter niet mee. Ze overlijdt op 6 oktober 1894. Twee weken na hun trouwen verhuizen Roelof Mulder en Hilligje Moes naar Veenoord, onder de gemeente SIeen. Ze gaan wonen aan de Boerendijk. Daar worden zeven kinderen geboren.
In 1927 wordt in Hoogezand nog een dochter geboren.

1a: Cent : geboren 17 jan. 1907 te Sleen. Nachtopzichter. Overleden 19 april 1983.
1b: Gosem : geb. 17 november 1908 te Sleen.
1c: Marginus : geb. 8 augustus 1910 te Sleen.
1d: Arend : geb. 3 juni 1913 te Sleen.
1e: Remmelt : geb. 19 april 1916 te Sleen.
1f: Annigje Hillegonda : geb. 20 augustus 1918 te Sleen op het adres Boerendijk. Coupeuse. Trouwt op 10 mei 1943 met Jan Mulder, zoon van Anne Mulder en Geesje Luchies.
1g: Marchien : geb. 20 november 1920 te Sleen.
1h: Anna Roelina : geb. 22 maart 1927 te Hoogezand.

Roelof Mulder overlijdt op 11 juni 1965 in Zuidlaren, Hilligje Moes overlijdt in 1970 op 25 september.

    2. REMMELT MULDER. wordt geboren op 25 mei 1885 te Kloosterveen. Hij trouwt op 6 april 1911 in Emmen met JANKE LUCHIES. dochter van Jan Luchies en Sietske Bruins Bruinsma. Zij is op 11 augustus 1889 in Nieuweroord, gemeente Westerbork, geboren. In het bevolkingsregister van de gemeente Emmen over de jaren 1904-1917 wordt aangegeven dat Remmelt arbeider is. Twee jaar later heeft hij het beroep groente- en fruithandelaar aangenomen. Remmelt Mulder en Janke Luchies krijgen dertien kinderen, die allemaal in Nieuw-Amsterdam, gemeente Emmen worden geboren. Twee van hun kinderen overlijden op jonge leeftijd.
2a: Margje . geb. 21 januari 1912.
2b: Jan : geb. 21 april 1913.
2c: Cent : geb. 3 augustus 1915.
2d: Sietske . geb. 13 december 1916.
2e: Roelof : geb. 30 maart 1918. Overleden: 8 november 1918.
2f: Roelofje : geb. 3 oktober 1919.
2g: Janke : geb. 13 maart 1922.
2h: Remmelt . geb. 1 november 1924. Overleden: 4 april 1926.
2i: Remmelt : geb. 24 oktober 1926.
2j: Hinke : geb. 7 juni 1928.
2k: Anne : geb. 23 december 1929.
2l: Egbert : geb. 18 april 1932.
2m: Harmina Jantje : geb. 10 februari 1934.

MEER OVER REMMELT MULDER IN HOOFDSTUK REMMELT MULDER.

    3: ANNE MULDER. geboren 5 juli 1887 te Kloosterveen. Trouwt met GEESJE LUCHIES. Zij is geboren op 19 november 1885. Hun huwelijk wordt voltrokken op 29 januari 1907 in het gemeentehuis van Emmen. Ook Geesje Luchies is een dochter van Jan Luchies en Sietske Bruins Bruinsma.
Anne Mulder en Geesje Luchies zijn de grootouders van de samensteller van dit boekwerk.

MEER OVER ANNE MULDER EN GEESJE LUCHIES IN HOOFDSTUK ANNE MULDER / GEESJE LUCHIES.

    4: HARM MULDER geboren op 13 oktober 1889 in Kloosterveen, gemeente Smilde. Hij treedt op 31 augustus 1911 in het huwelijk met Jantje de Lange. Evenals zijn broer Remmelt is Harm groentehandelaar van beroep. Jantje de Lange is op 21 december 1891 in de Overijsselse gemeente Ambt-Hardenberg geboren. Ze is een dochter van Jan de Lange en Annigje Sok. Harm Mulder en Jantje de Lange blijven tot 15 mei 1915 in Nieuw-Amsterdam wonen, maar verhuizen dan naar de gemeente Sleen. Op 29 april 1937 betrekken Harm en Jantje in Schoonebeek de woning wijk B. no. 40. Op 7 maart 1950 verandert dit adres in Nieuw-Amsterdamseweg 37. Vanaf 24 maart 1952 wonen de groentehandelaar en zijn vrouw aan de Irenelaan 15 in Schoonebeek. Hun huwelijk blijft kinderloos. Harm Mulder overlijdt op 9 januari 1967 in Coevorden. Zijn weduwe verhuist zeven maanden later naar de Zusterweg 21 in het dorpje Weiteveen bij, en vallende onder, de gemeente Schoonebeek. Jantje de Lange overlijdt op 22 september 1972.

    Over Harm en Jantje gaat het verhaal dat hij eigenlijk helemaal niet met haar wilde trouwen, maar dat zij hem daartoe gedwongen heeft door een zwangerschap voor te wenden. Toen enkele maanden na de huwelijksvoltrekking bleek dat er van een zwangerschap geen sprake was moet Harm Mulder de deur van de echtelijke woning achter zich hebben dichtgetrokken, waarna hij gedurende langere tijd in de omgeving van Amsterdam, Velsen of IJmuiden werkzaam moet zijn geweest. Daarna keert hij alsnog naar zijn vrouw terug.

------------------------------

    Het bijzondere aan bovenstaand overzicht is dat twee broers, Remmelt en Anne Mulder, trouwen met twee zusters. De eerste met Janke Luchies en de tweede met Geesje Luchies. We hebben een dergelijk familieverband ook al gezien bij drie kinderen van Roelof Mulder en Anna Oosterga die in het huwelijk traden met drie kinderen van Jan Hendriks Doek en Aaltje Gellius Joustra.
    De twee oudste kinderen van Cent Mulder en Marchien Daling; Roelof en Remmelt worden in hetzelfde huis geboren waarin Roelof Mulder Sr. en Fokke Mulder overleden zijn en waarin hun vader sindsdien is blijven wonen: Wijk 8. No. 95. De twee jongste kinderen komen ter wereld in huis Wijk B. No. 156. Daaruit leiden we af dat het gezin Mulder-Daling tussen juni 1885 en juli 1887 naar een andere woning in Kloosterveen is verhuisd. De familie woont slechts vier jaar op dit nieuwe adres want op 6 maart 1891 worden Cent Mulder en Margje Daling met hun vier zoons uitgeschreven uit het bevolkingsregister van de gemeente Smilde. Het gezin verhuist naar Nieuw-Amsterdam, gemeente Emmen, waar ze een woning betrekt in het buurtschap Barger-Erfscheiderveen, wijk D 312. Inschrijving in de nieuwe woonplaats vindt niet eerder plaats dan op 16 maart 1891. Later verhuizen Cent Mulder en Margje Daling naar de woning D 360.

TURFINDUSTRIE OMGEVING SMILDE.
De gegevens in onderstaand artikel zijn overgenomen uit:
H. Gras: Langs de vaart. Geschiedenis van Smilde.
Gemeente Smilde 1997

    Het dorp Smilde is een vrij jonge gemeente. Ze heeft haar ontstaan te danken aan de veenafgravingen en turfindustrie die daar in het begin van de zeventiende eeuw van de grond zijn gekomen. Vierhonderd jaar geleden lag ten noorden van het dorp Diever een onafzienbaar hoogveengebied dat bekend stond als de "Smilder Venen". Het strekte zich in het noorden uit tot Assen en in het westen tot de gemeenten Appelscha en Fochteloo in Friesland. Het was zo'n woest en ondoordringbaar gebied dat de grens tussen Drenthe en Friesland hier niet eens duidelijk afgebakend was.
    Het hoogveen van de Smilder Venen had ten oosten van de tegenwoordige Drentsche Hoofdvaart een dikte van nauwelijks twee meter en boven de zandruggen nog minder, maar westelijk van de Hoofdvaart was de veenlaag vele meters dik. De groei van dit veenpakket had vele eeuwen in beslag genomen, alles bij elkaar meer dan 9.000 jaar.
Vanaf circa 1612 zijn er mensen geweest die plannen hebben ontwikkeld om dit veenpakket af te graven voor de fabricage van turf. Het begin van de veengraverij verloopt vrij chaotisch, maar later is er van een meer en meer gestructureerde vervening sprake. Gedurende de achttiende en de eerste helft van de negentiende eeuw beleeft de turfindustrie in en rond Smilde gouden tijden, daarna neemt deze tak van bedrijvigheid sterk af.

    De oorzaak van de verhuizing van de familie Mulder van Smilde naar Nieuw-Amsterdam moet vrijwel zeker te maken hebben gehad met de sterk afnemende werkgelegenheid als gevolg van het wegvallen van de turfindustrie in de omgeving van Smilde. Hoewel het gemeentebestuur nog jaren schreef dat de vervening de voornaamste bron van inkomstenwas in Smilde, halveerde het aantal mannelijke én vrouwelijke veenarbeiders van 1.500 in 1851 tot minder dan de helft in 1870. Daarna was er nog wel wat werk in het veen, maar dat nam van jaar tot jaar af. Turfgraven rond Appelscha en Fochteloo bood aan de veenarbeiders uit Smilde nog wel enig soelaas, maar ook daar raakte men rond 1885 uitgeveend. Enerzijds werd het exploiteren van de nog aanwezige turf te arbeidsintensief waardoor de prijzen stegen, anderzijds werd vanaf circa 1880 de concurrentie van de goedkopere steenkool uit het Duitse Ruhrgebied meer en meer voelbaar. Hoe meer de turfindustrie rond Smilde achteruitging en de werkgelegenheid afnam, hoe meer veenarbeiders, langs het tussen 1853 en 1855 gegraven Oranjekanaal, oostwaarts trokken naar de nieuwe veengebieden in de omgeving van Schoonoord en Nieuw-Amsterdam, gemeente Emmen. Doordat men als het ware met het veen meetrok belandden velen via een omweg uiteindelijk in Emmen, maar anderen verhuisden regelrecht naar deze gemeente. Van de nieuwkomers die zich tussen 1885 en 1890 in Emmen vestigden, kwam 13 procent uit Smilde. In absolute getallen betekent dit dat in die vijf jaar 600 personen van Smilde naar Emmen verhuisden. Het aantal inwoners van Smilde geeft vanaf circa 1870 een dalende lijn te zien. In 1875 telt de gemeente 5.185 en in 1890 5.040 inwoners om in 1900 te dalen tot onder de vijfduizend, waarmee het weer terug was op het niveau van omstreeks 1850.
    Uit het verdwijnen van de turfgraverijen mogen we niet de conclusie trekken dat de inwoners van Smilde daardoor tot grote armoede zijn vervallen. Anderzijds is het zo, dat hoe voorspoedig de ontwikkeling van Smilde tijdens de zeventiende, achttiende en eerste helft van de negentiende eeuw ook geweest is, dit niet betekende dat het iedereen even goed ging. Er waren altijd mensen die voor de "bedeling" aanklopten bij de diaconieën van de kerkelijke gemeenten, in die tijd de enige armenzorginstellingen in Smilde. Bijna altijd betrof het leden van de "arbeidende stand". Door een scala van oorzaken kon dit soort mensen tot armoede vervallen. Arbeiders konden bijvoorbeeld in financiële nood geraken als er ten gevolge van conjunctuurschommelingen en een verminderde vraag naar turf of door ongunstige weersomstandigheden tijdelijk minder werk was in het veen. Bovendien moesten ze een groot deel van hun jaarinkomen verdienen in het korte graafseizoen, waardoor er 's winters nog wel eens tekorten konden ontstaan. Dat gold helemaal bij strenge winters, waarin er meer geld moest worden uitgegeven aan brandstof en kleding. Ook ziekte en hoge prijzen - met name van levensmiddelen - konden bij gebrek aan financiële reserves zorgen voor armoede. Deze mensen werden dan tijdelijk bedeeld. Meer permanent bedeeld werden mensen die waren verarmd omdat ze niet, niet langer of nog niet in hun eigen levensonderhoud konden voorzien. Tot die groep behoorden de geestelijk en lichamelijk gehandicapten, de verzwakte bejaarden, de weduwen met jonge kinderen en de weeskinderen.
    Tot het midden van de veertiger jaren van de negentiende eeuw schommelde het aantal bedeelden in Smilde rond de drie à vier procent. Dat was, in vergelijking met andere delen van Nederland, verwonderlijk laag. In de jaren 1845 en 1846 mislukte de aardappeloogst, in laatstgenoemd jaar bovendien ook die van de rogge. Als gevolg daarvan stegen de prijzen van levensmiddelen tot ongekende hoogten. Voor een hectoliter rogge, die een paar jaar eerder f. 5,70 kostte, moest in april 1847 meer dan vijftien gulden worden betaald. Het gevolg was dat in de winter van 1846 op 1847 een groot aantal personen en gezinnen die anders geen bedeling nodig hadden, nu wel door de armbesturen ondersteund moesten worden. Tot overmaat van ramp was de winter bijzonder streng en lang, waardoor elke vorm van veldarbeid gedurende meer dan vier maanden onmogelijk was. Alsof dat allemaal nog niet genoeg was brak er in Smilde ook nog een besmettelijke koortsziekte uit, als gevolg waarvan enkele honderden mensen ziek werden, waarvan er twaalf overleden. Door al deze tegenslagen steeg het aantal bedeelden van 106 in 1830 tot bijna 400 in 1847. In percentages uitgedrukt was dit een stijging van drie naar negen procent. Toch was dit laatste getal nog steeds opvallend laag. In de vergelijkbare veenkolonie Hoogeveen werd in 1847 bijvoorbeeld maar liefst twintig procent van de bevolking bedeeld. In 1858 daalde het aantal bedeelden weer tot een voor Smilde bijna normaal niveau van ongeveer vijf procent. Over het algemeen ging het de Smildigers
tijdens de eerste helft van de negentiende eeuw voor de wind.

    Met het wegvallen van de turfindustrie omstreeks 1860 moest naar andere bedrijvigheid Worden uitgezien. Men vond die in de verschillende takken van de landbouw die de nodige werkgelegenheid met zich brachten en aan veel voormalige veenarbeiders een redelijk inkomen verschaften. Bij dit werk moeten we denken aan het ontginnen van de afgegraven turfgronden door grasland aan te leggen, aan de verbouw van aardappels en aan de bosbouw. In 1832 bestond de gemeente Smilde nog voor 84 procent uit woeste grond. Daarmee stond ze aan de top van alle Drentse gemeenten. Het areaal bouw- en grasland besloeg in dat jaar slechts 14 procent van de totale oppervlakte. In de decennia daarna steeg dat percentage echter snel, vooral door de ontginningen in cultuur brengen van de afgeveende gebieden. In vijftig jaar breidde het areaal bouwland uit van 645 hectare in 1832 tot 1.409 hectare in 1885. Het areaal grasland steeg in dezelfde periode van 355 tot bijna 1.000 hectare. Tezamen besloegen ze in 1885 bijna 38 procent van de totale oppervlakte van de gemeente, bijna een verdrievoudiging in vergelijking met 1832. Vooral de eerste tientallen jaren was het snel gegaan. In de jaren vóór 1860 waren de verveningen op hun hoogtepunt en kwamen er jaarlijks grote stukken afgeveend grond vrij voor bouw-, gras- en bosland.
    Voor de ontginning van de afgeveende grond waren meststoffen nodig. Hoe cruciaal de relatie tussen de ontginningen en de beschikbaarheid over voldoende meststoffen was, bleek in de jaren 1866 - 1870. Door omstandigheden stokte toen de aanvoer van meststof, waardoor de ontginningen onmiddellijk afnamen. Later herstelde de situatie zich. De aanmaak van nieuw bouw-, gras- en bosland verschafte de broodnodige werkgelegenheid en het zorgde er voor dat rond 1890 de nog in Smilde aanwezige veenarbeiders een bestaan in de landbouw konden vinden. Ondanks dat de agrarische sector in het laatste decennium van de negentiende eeuw sterk groeide en veel veenarbeiders naar deze bedrijfstak overstapten, vertrokken anderen naar de nieuwe veengebieden in de zuidoosthoek van de provincie.
    Resumerend kunnen we zeggen dat Smilde in de negentiende eeuw niet extreem arm was, zeker niet tot circa 1870. Integendeel, het was juist een periode van hoogconjunctuur, waarin sprake was van een veelzijdige en explosieve ontplooiing, met als motor de exploitatie van de Kloostervenen, die op haar beurt mogelijk was gemaakt door het graven van de Drentsche Hoofdvaart. Evenals Hoogeveen had Smilde juist het grote geluk dat de verveningen al waren afgelopen toen rond 1920 de markt voor de turf geheel instortte. De gevolgen daarvan werden door de inwoners van Emmen en omliggende gemeenten veel sterker gevoeld dan de Smildigers, die veertig à vijftig jaar eerder afscheid hebben moeten nemen van de turfindustrie.
Ook Cent Mulder en Margje Daling behoorden tot de laatste groep veenarbeiders die omstreeks 1890 naar de nieuwe veenkoloniën bij Emmen verhuisden.

----------------

    We hebben het hiervoor al aangegeven dat Roelof Mulder twee weken na de huwelijksvoltrekking naar de gemeente Sleen verhuisd is. Anne en Harm Mulder blijven na hun huwelijk nog een aantal jaren in Nieuw-Amsterdam wonen. Anne Mulder trouwt in januari 1907. Achttien jaar later verhuist hij met zijn gezin naar de gemeente Eindhoven. Harm treedt op 31 augustus 1911 in het huwelijk en is in 1915 naar de gemeente Sleen verhuisd. Alleen Remmelt Mulder blijft in Nieuw-Amsterdam wonen.
    Cent Mulder en Margje Daling maken de huwelijken van hun vier zonen nog mee, maar Cent is in 1911 vermoedelijk al ernstig ziek. Vier maanden na het huwelijk van Harm met Jantje de Lange overlijdt hij op 22 december 1911, op slechts 61-jarige leeftijd.

Marchien Daling overleeft haar man twintig jaar. Marchien is tachtig jaar oud als ze op 13 maart 1931 overlijdt.

REMMELT MULDER.

    Voorgaand hebben we geschreven dat we aan de levenswandel van Remmelt Mulder wat meer aandacht zouden besteden. Daar is alle reden toe. Hij is wat we zouden kunnen zeggen "het zwarte schaap van" of "het buitenbeentje in de familie". Van kindsaf aan moet hij niet gemakkelijk en erg eigenzinnig zijn geweest. Het verhaal gaat dat hij zich van niemand iets aantrok, weinig of niet naar zijn ouders luisterde en zijn eigen gang ging. Margje Schut-Mulder heeft meermalen verteld dat haar oom Remmelt zijn jongere broers vaak plaagde door tijdens de avondmaaltijd in hun bord te spugen. Gevolg daarvan was veel heibel aan tafel. Naarmate ze ouder werd vertelde Margje Schut-Mulder ons ook steeds vaker het verhaal dat haar oom een "echte deugniet" was die niet van de drank kon afblijven én ook dat hij in een dronken bui geprobeerd had de stoomtram van Nieuw-Amsterdam naar Erica te laten ontsporen. Haar oom moest daar volgens haar ook voor veroordeeld zijn, maar ze wist niet meer precies hoelang hij daarvoor "gezeten" had. We namen die verhalen voor kennisgeving aan en gingen er vanuit dat ze waarschijnlijk enigszins aangedikt zouden zijn. Herinneringen aan vroeger vervagen en veranderen nogal eens naarmate mensen ouder worden. Maar het is waar, oudere mensen weten zich van vroeger meestal alles feilloos te herinneren, terwijl ze de dingen van gisteren vergeten zijn. Dat was ook het geval met 'ons moeder' die met haar jeugdherinneringen niet ver naast Waarheid heeft gezeten.

    Remmelt Mulder treedt op 6 april 1911 in het gemeentehuis van Emmen in het huwelijk met Janke Luchies. Op 21 januari 1912 bevalt Janke van haar eerste kind, die naar haar grootmoeder van vaderskant Margje wordt genoemd. Vijftien maanden later wordt Jan geboren. Geboortedatum 21 april 1913. In totaal krijgen Remmelt en Janke dertien kinderen.

    Remmelt Mulder is al op jonge leeftijd aan de drank geraakt. Zijn huwelijk en het vaderschap hebben hem daarvan niet kunnen afhelpen en houden. Uit een aantal justitiële archiefstukken blijkt dat hij vóór september 1912 al minstens zes keer wegens drankmisbruik veroordeeld is geweest. Van de hem opgelegde boetes tot een totaalbedrag van f. 27,50 heeft hij in dat jaar slechts één boete van f. 1,50 betaald. Tegen de andere geldstraffen, c.q. hechtenis is hij even zovele malen in beroep gegaan. Ook is hij dan al een keer voor zes weken "achter de deur" opgeborgen geweest.
    Zijn drankverslaving heeft tot gevolg dat hij in het najaar van 1912 voor de zoveelste keer met justitie in aanraking komt. Maar dan is het wel goed raak! Hij is dan geen arbeider meer, maar groente- of fruithandelaar.
    Remmelt Mulder
maakte voor zijn broodwinning regelmatig gebruik van de stoomtram, die vanaf Ter Apel via Emmer- en Barger-Compascuum, Klazienaveen, Erica en Nieuw-Amsterdam naar Coevorden en Dedemsvaart reed. Als gevolg van zijn drankmisbruik stapte hij dan, meestal "in kennelijke staat van dronkenschap", op de tram. Op 20 september 1912 is dat ook weer het geval. De groentehandelaar heeft die dag te diep in het glaasje gekeken en valt in de tram zijn medepassagiers lastig. Deze zijn van Remmelt’s escapades niet gediend en doen hun beklag bij de conducteur. Het trampersoneel geeft Remmelt die avond een laatste waarschuwing. Als hij de volgende keer weer dronken is zal hem de toegang tot de tram worden ontzegd. Veel indruk schijnt dit dreigement niet gemaakt te hebben, want als Remmelt met zijn knechtje Johannes van der Leij drie dagen later weer met de tram meewillen heeft hij opnieuw "teveel aan Bachus geofferd". De tramconducteur weigert daarop de fruithandelaar mee te nemen en zet hem de coupé uit. In het tumult dat daarna ontstaat neemt de geweigerde passagier een dreigende houding aan, tot een handgemeen komt het echter niet. Wel dreigt Remmelt de tram "met de wielen in het zand" te zetten en te laten ontsporen. Een dreigement dat de dronken groenteman later die avond ook ten uitvoer probeert te brengen, want op de terugreis botst de stoomtram in de buurt van Erica inderdaad op een op de spoorrails gelegde zware ijzeren balk. De machinist en conducteur verdenken de uit de tram gezette fruithandelaar er van hierin de hand te hebben gehad en doen aangiftebij de politie. Op 27 september wordt Remmelt gearresteerd en gevankelijk naar het Huis van Bewaring in Assen vervoerd. De Drentsche en Asser Courant van 28 september 1912 geeft over de arrestatie het volgende verslag:

---Gisteren is alhier (= Assen, JS.) gevankelijk binnengebracht en, na verhoor door den rechter-commissaris, in het huis van bewaring opgenomen de 27-jarige fruithandelaar Remmelt M., te Nieuw-Amsterdam. Hij wordt verdacht van op 23 September een poging te hebben gedaan om te Barger-Westerveen een trein van de Dedemsvaartsche stoomtramwegmaatschappij te doen ontsporen, door opzettelijk een spoorwegstaaf dwars over den spoorweg te leggen. De machinist wist echter door tijdig remmen de ontsporing te voorkomen.


De stoomtram van Ter Apel-Emmer Compascuum-Coevorden-Dedemsvaart. In de kom van het dorp Emmer-Compascuum.

    Op 11 november 1912 moet Remmelt Mulder zich voor de arrondissementsrechtbank in Assen verantwoorden. Hij ontkent het ten laste gelegde en zijn advocaat verzoekt om onmiddellijke invrijheidstelling. De officier van justitie gaat hier niet op in en eist drie jaar gevangenisstraf. Op 9 december 1912 wordt Remmelt veroordeeld tot één jaar en zes maanden met aftrek van de gehele periode dat hij in voorarrest heeft gezeten. De veroordeelde vindt de opgelegde straf te hoog, de officier te laag. Beiden gaan daarom in hoger beroep. Dit hoger beroep dient ongeveer twee maanden later voor het gerechtshof te Leeuwarden. Als gevolg van het in hoger beroep gaan wordt Remmelt Mulder op 21 december 1912 van het Huis van Bewaring in Assen overgeplaatst naar het Huis van Bewaring in de Friese hoofdstad. De nieuwe rechtszaak dient eind januari 1913.
    Dan blijkt dat Remmelt beter geen hoger beroep had kunnen aantekenen. In plaats van onmiddellijke invrijheidstelling of strafvermindering, veroordeelt de rechtbank van Leeuwarden hem ook tot anderhalf jaar gevangenisstraf, maar nu met aftrek van voorarrest voor de tijd van slechts twee maanden.
    Dit vonnis valt Remmelt Mulder rauw op het dak. Opnieuw tekent hij bezwaar aan en gaat in cassatie bij de Hoge Raad der Nederlanden. Dit hoogste rechtscollege verklaart eind maart 1913 het beroep niet ontvankelijk. Remmelt Mulder is nu uitgeprocedeerd en moet dus achttien maanden minus twee maanden voorarrest "brommen".
    Zijn opgelegde straf zit Remmelt uit in de strafgevangenis te Groningen. Hieronder volgen de op deze rechtszaak betrekking hebbende relevante stukken.
    Voor de weigering van de Hoge Raad om deze zaak in cassatie in behandeling te nemen verwijzen we naar de aantekeningen in de kantlijn van het vonnis.

    Eerst het proces-verbaal van de terechtzitting op 11 november 1912.

    In de Provinciale Drentsche en Asser Courant van de volgende dag wordt verslag gedaan van deze rechtzaak.

    Twee weken later wordt het proces voortgezet en staat Remmelt Mulder opnieuw voor de rechter en legt machinist Klaas Arends de volgende getuigenverklaring af.

 

    De verslaggever van de Provinciale Drentsche en Asser Courant is ook bij dit proces aanwezig geweest en geeft daarvan op 26 november1912 het volgende verslag:

 

    Hieronder volgt de tekst van het op 9 december 1912 uitgesproken vonnis.

 

    De veroordeling tot anderhalf jaar is voor Remmelt Mulder een grote teleurstelling. Op 21 december 1912 tekent advocaat mr. A. Kloekers namens hem beroep aan tegen het vonnis. Ook de officier van justitie gaat in beroep. De eerste vindt de straf te hoog, de tweede te laag. Het hoger beroep dient op 30 januari 1913 voor het gerechtshof te Leeuwarden. Het proces in de Friese hoofdstad verloopt voor de veroordeelde desastreus. In plaats van onmiddellijke invrijheidstelling veroordeelt de rechtbank van Leeuwarden hem ook tot 1 ½ jaar gevangenisstraf met aftrek van slechts twee maanden voorarrest.
    Waarschijnlijk heeft Remmelt Mulder de gehele periode tussen zijn arrestatie op 27 september 1912 en overbrenging naar de gevangenis van Groningen op 3 april 1913, in voorarrest gezeten. In totaal dus ongeveer zes maanden. Een eenvoudig rekensommetje leert ons dat hij, door in beroep te gaan, ongeveer vier maanden langer heeft vastgezeten dan strikt noodzakelijk is geweest. Omdat het vonnis van de rechtbank te Leeuwarden niet gekopieerd kon worden volgt hieronder de overgeschreven tekst van dit hoger beroep. (Rijksarchief Leeuwarden. Toegang 17. Inv.nr. 216)

 

 

    Remmelt Mulder zit zijn straf van anderhalf jaar min twee maanden voorarrest uit van 31 maart 1913 tot 29 juli 1914 in de strafgevangenis in Groningen. Om dichter bij haar man te zijn verhuist Janke kort nadat Remmelt naar Groningen is overgebracht ook naar deze stad. Haar exacte verhuisdatum is in de bevolkingsregisters van de gemeente Emmen niet te vinden. Waar ze met haar kinderen in Groningen gewoond heeft is ook niet te achterhalen. Haar naam komt in de bevolkingsadministratie van deze stad ook niet voor. Waarschijnlijk heeft ze zich er niet laten inschrijven en woonde ze "illegaal" op kamers. Wel is zeker dat ze er enige tijd gewoond heeft want op 29 juli 1914 worden zowel Remmelt als Janke weer ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente Emmen. Beiden zijn dan afkomstig uit Groningen.
    Op 28 februari 1914 dienen Remmelt Mulder en zijn vrouw een verzoek in tot gratieverlening. Dit verzoek wordt op 20 april 1914 afgewezen. Hij blijft dus tot 29 juli 1914 "achterde deur".
    Kort na zijn ontslag uit de gevangenis blaast Remmelt Mulder zijn groente- en fruithandel nieuw leven in. Het gezin Mulder-Luchies woont dan op het adres Amsterdamsche Veld 89.
    Degene die denkt dat de ex-gedetineerde in de gevangenis zijn lesje wel geleerd heeft komt bedrogen uit. Spoedig heeft de drank hem weer geheel te pakken. We hebben hiervóór al eerder geschreven dat er binnen de families Mulder en Schut allerlei verhalen de ronde doen over Remmelt Mulder. In die overleveringen spelen drankgebruik en drankmisbruik een grote rol. Remmelt zou als hij dronken was regelmatig papiergeld verscheurd, verbrand en/of weggegooid hebben. In zijn leven moet hij heel veel geld verdiend hebben, maar dat aan of door de drank ook weer zijn kwijtgeraakt. Een ander verhaal is even komisch als tragisch. Tijdens één van zijn vele kroegentochten ontmoet Remmelt Mulder in een café een gast die een sneetje brood met kaas nuttigt, waarop hij, quasi verbaasd tegen deze man zegt: "Eet jij brood met kaas? Ik niet hoor! Ik heb veel beter beleg op mijn brood. Kijk maar! " Vervolgens pakt hij het brood van de cafébezoeker, gooit de kaas weg en legt daarvoor een briefje van vijfentwintig gulden in de plaats, om daarna het sneetje brood met bankbiljet zelf op te eten, daarbij de onbekende cafébezoeker in opperste verbazing achterlatend. Een echt duur broodje dus! En dat in die tijd!!
    Remmelt Mulder is op een geheel ander terrein ook niet van onbesproken gedrag geweest. Enige maanden nadat hij zijn groente- en fruithandel weer heeft opgestart koopt hij een schuit om daarmee door de zuid-oosthoek van de provincie Drenthe te trekken teneinde daar zijn koopwaar aan de man te brengen. Hij wordt tijdens die meerdaagse reizen geassisteerd door zijn schoonzuster Sietske Luchies. Beiden slapen aan boord van het schip. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de ongehuwde zuster van zijn vrouw spoedig in verwachting is. Op 5 september 1916 bevalt Sietske van een zoon, die de naam Jan krijgt. Dit kind wordt bij de burgerlijke stand aangegeven door Remmelt Mulder.

    Ruim drie jaar later is Sietske Luchies weer zwanger. Op 31 december 1919 bevalt ze opnieuw van een zoon. Dit kind krijgt de naam van Sietse. Deze jongen wordt niet ouder dan twee jaar. Uit een met potlood aangebrachte aantekening op zijn geboorteakte blijkt dat hij op 12 februari 1922 overleden is.

    In beide geboorteakten wordt de naam van de vader niet genoemd, maar het is niet moeilijk te veronderstellen dat dit Remmelt Mulder moet zijn geweest. Daar komt nog bij dat de ongehuwde Sietske en haar kinderen niet staan ingeschreven op het adres van haar ouders, maar zijn bijgeschreven op de gezinskaart van haar zwager. Ondanks herhaald aandringen heeft Sietske Luchies nooit de naam van de verwekker van haar kinderen genoemd. Wel had ze beloofd die naam later bekend te zullen maken, maar omdat ze op oudere leeftijd aan de ziekte van Alzheimer leed, is het daar nooit meer van gekomen. Binnen de families Mulder en Schut wordt er echter niet aan getwijfeld dat die twee kinderen door Remmelt Mulder verwekt zijn.
    Twee jaar na de geboorte van Sietse treedt Sietske Luchies in het huwelijk met Siebe Bloemberg. een weduwnaar met drie kinderen. Trouwdatum 11 februari 1922. Het huwelijk van Siebe en Sietske Bloemberg-Luchies heeft een zeer verdrietige start, doordat nog geen dag na de huwelijksvoltrekking Sietse Luchies, de jongste zoon van Sietske Luchies, overlijdt.

    We keren terug naar Remmelt Mulder en zijn vrouw, Janke Luchies. Zij heeft het in haar huwelijk niet gemakkelijk gehad. Alleen al het feit dat haar man kort na hun trouwen met justitie te maken kreeg en in de gevangenis belandde én het feit dat hij het later met de huwelijkstrouw niet zo nauw nam, zullen haar een weinig vreugdevol huwelijks- en gezinsleven hebben gegeven. Dergelijke ervaringen komen een relatie niet ten goede en zijn voor huwelijkspartners,- dus ook voor Janke. - onverteerbaar. Als gevolg daarvan moet hun relatie zwaar onder druk hebben gestaan. Dat desondanks het huwelijk in stand is gebleven is dan ook geen verdienste van Remmelt Mulder. Die eer komt toe aan zijn vrouw Janke, die ondanks alles haar man trouw is gebleven en het gezin bijeen heeft weten te houden, door zichzelf geheel weg te cijferen.
    Op 1 oktober 1938 verhuizen Remmelt en Janke van Amsterdamscheveld 89 naar de Zwarteweg 27 in Nieuw-Amsterdam. Janke Luchies overlijdt op 21 februari 1947, niet in Nieuw-Amsterdam, maar in de gemeente Hoogeveen.

    Na het overlijden van zijn vrouw wordt de verzorging van Remmelt Mulder door enkele van zijn kinderen overgenomen. Als gevolg daarvan verandert hij regelmatig van huisadres. In een periode van achttien jaar verhuist hij minstens dertien keer; op één verhuizing na allemaal binnen Nieuw-Amsterdam. Hieronder volgt een schematisch overzicht van deze verhuizingen.

*: 21 maart 1949: Scheidingsweg 34
*: 13 januari 1951: Zwarteweg 27
*: 3 juli 1951: Verlengde Wilhelmsweg 56
*: 10 december 1952: Scheidingsweg 34
*: 14 april 1954: Zwarteweg 27
*: 20 april 1955: Scheidingsweg 34
*: 16 juli 1956: Zwarteweg 27
*: 25 maart 1959: Scheidingsweg 34
*: 17 maart 1960: Scheidingsweg 6
*: 27 mei 1960: Scheidingsweg 34
*: 5 maart 1962: Vaartweg 25
*: 6 september 1966: Oosterdiep WZ 175, Emmer-Compascuum
*: 19 januari 1967: Vaartweg 25

    Remmelt Mulder is na de dood van zijn vrouw wel milder geworden. Een paar jaar na haar overlijden gaat Jan Mulder, zoon van Anne Mulder en Geesje Luchies, bij zijn oom in Nieuw-Amsterdam op bezoek. Aanvankelijk wilde Remmelt van deze visite niets weten, maar gaandeweg verdwijnt zijn argwaan en afwachtende houding en raakt hij in een serieus gesprek met zijn neef uit Eindhoven. De oud-groente en fruithandelaar sprak toen langdurig over zijn leven, deugden en ondeugden. Hij erkende daarin heel veel verkeerde dingen te hebben gedaan en zijn vrouw en kinderen verdriet te hebben gedaan. Er is over Remmelt Mulder nog oneindig veel meer te vertellen, maar we willen dit hoofdstuk over de levensloop en handelswijze van onze oom en oud-oom afsluiten met de woorden die hij toen gezegd heeft over zijn overleden vrouw:
"Vroeger was Janke niets voor mij! Zij telde niet mee! Ik vond alleen mezelf belangrijk. Alles draaide om mij. Ik was alles, Janke niets! Maar nu weet ik dat het anders is. Hoe langer de tijd verstrijkt, hoe meer ik tot de conclusie kom dat het precies andersom is. Zij was alles en ik niets! Zij was goed, ik niet! Ik heb van mijn en haar leven een puinhoop gemaakt en ik heb Janke en mijn kinderen veel verdriet gedaan. Daar heb ik nu spijt van, maar kan dat niet meer terugdraaien en haar niet meer om vergeving vragen!"

    Op 19januari 1967 verhuist Remmelt Mulder van Emmer-Compascuum, waar hij slechts vier maanden heeft gewoond, weer naar de Vaartweg 25 in Nieuw-Amsterdam. Nog geen twee weken later overlijdt hij op 81-jarige leeftijd.

 

ANNE MULDER / GEESJE LUCHIES

    Anne Mulder is na Roelof en Remmelt de derde zoon van Cent Mulder en Marchien Daling. Anne is op dinsdag 5 juli 1887 geboren in Kloosterveen, gemeente Smilde. Aangifte van zijn geboorte vindt de volgende dag plaats.

    Op negentien jarige leeftijd treedt Anne Mulder in het huwelijk met de twee jaar oudere Geesje Luchies. Zij is een dochter van Jan Luchies en Sietske Bruins Bruinsma. De bruid is op donderdag 19 november 1885 in Nieuweroord, gemeente Westerbork geboren. Geesje is een zuster van Janke Luchies die op 6 april 1911 met Anne's broer Remmelt Mulder trouwt. Anne Mulder en Geesje Luchies zijn de ouders van o.a. "ons moeder" Marjge Schut-Mulder.
Nu eerst de geboorteakte van Geesje Luchies.

    Anne Mulder is lidmaat van de Gereformeerde Kerk en Geesje Luchies is van huis uit Nederlands Hervormd. Na haar huwelijk gaat Geesje over naar het kerkgenootschap van haar man. Ze trouwen op 29 januari 1907. De bruidegom is veenarbeider, de bruid is zonder beroep, maar enkele jaren later werkt ook zij als arbeidster op de turfvelden. Sietske Bruins Bruinsma, de moeder van de bruid, maakt het huwelijk van haar dochter Geesje niet mee. Zij is op 5 februari 1905 overleden.

    De huwelijksakte wordt alleen door de bruidegom, door de vader van de bruid en door de getuigen ondertekend; "verklarende de bruid en de ouders des bruidegoms geen schrijven te hebben geleerd".
De letterlijke tekst van de huwelijksakte luidt:

    De bij de huwelijksakte behorende bijlagen bestaan uit de uittreksels uit de geboorteregisters van de gemeenten Smilde en Westerbork, het bewijs dat de bruidegom in het lotingsregister van de Nationale Militie ingeschreven staat en een uittreksel uit het overlijdensregister der gemeente Emmen.
   
Anne Mulder en Geesje Luchies hebben het financieel niet erg breed. Daardoor kunnen ze de aan hun huwelijk verbonden gemeentelijke leges- en administratiekosten niet betalen. Van overheidswege worden aan bruid en bruidegom zogenaamde "Certificaten van Onvermogen" uitgereikt, die hen van betaling van die kosten vrijstellen.

    Negen maanden na de huwelijksdatum bevalt Geesje Luchies van haar eerste kind. Op 21 oktober 1907wordt Margje Mulder geboren.

    Wat opvalt bij deze geboorteaangifte is dat Anne Mulder zegt niet te kunnen schrijven, terwijl hij eerder dat jaar onder zijn huwelijksakte wel een handtekening heeft gezet. Anne Mulder en Geesje Luchies krijgen een groot gezin. Margje Schut-Mulder, onze moeder en grootmoeder, vertelde ons altijd dat ze de oudste was van zestien kinderen. Maar in het trouwboekje van haar ouders staan "maar" veertien namen. Zijn er misschien twee doodgeboren kinderen geweest? Levenloos geborenen werden vroeger niet en worden ook nu niet bijgeschreven in het trouwboekje. Heeft Geesje Mulder-Luchies soms een paar miskramen gehad? Of heeft Margje Schut-Mulder zich gewoon vergist? We weten het niet. Wel weten we zeker dat er in Nieuw-Amsterdam twaalf kinderen worden geborenen dat het gezin van Anne Mulder en Geesje Luchies in Eindhoven nog met een tweeling wordt uitgebreid. Van deze tweeling overlijdt de jongste ongeveer zes weken na de geboorte. In Nieuw-Amsterdam waren er ook al drie kinderen op jonge leeftijd overleden.
    *: Margje: 21 oktober 1907.
    *: Sietske: 3 oktober 1908.
    *: Grietje: 10 januari 1910 Overlijdt 3 augustus 1911.
    *: Griet Jantina: 11 november 1911.
    *:Jan: 1 november 1913 Overlijdt 17 november 1913.
    *:Jan: 19 februari 1915.
    *: Centiena: 5 februari 1917 Overlijdt 15 november 1918.
    *: Cent: 15 februari 1919.
    *: Egbert: 18 april 1921.
    *: Roelofje: 23 september 1922.
    *: Hinke: 21 februari 1924.
    *: Anna Gesina: 13 mei 1925.
    *: Sietse: 31 juli 1926.
    *: Harm: 31 juli 1926 Overlijdt 13 september 1926.

    AnneMulder en GeesjeLuchies gaan na hun huwelijk wonen in Barger-Erfscheidenveen, een buurtschap noordoostelijk van en vallende onder Nieuw-Amsterdam. Adres: Wijk D. no. 294. Hoelang ze daar gewoond hebben is niet duidelijk. Vermoedelijk zijn ze vóór 1916 één of meer malen verhuisd, maar vanaf dat jaar tot 1925 wonen ze in Barger-Oosterveen; eerst op no. 70-1, daarna op no. 88. Barger-Oosterveen ligt dicht bij Erica, dat evenals Nieuw-Amsterdam tot het grondgebied van de gemeente Emmen behoort.
    Om het gezinsinkomen te vergroten werkt Geesje Luchies tussen de bevallingen door ook in het veen. Als gevolg daarvan moet Margje als oudste dochter al op jonge leeftijd voor haar broertjes en zusjes zorgen. Mede daardoor heeft ze maar drie of vier jaar lager onderwijs genoten. Als meisje van een jaar of dertien werkt ze als hulp in de huishouding bij winkelier Meijer in Nieuw-Amsterdam. Op latere leeftijd kon ze heel beeldend over die periode in haar leven vertellen. Vooral als ze het over haar moeder had, die de kruiwagens met turf naar het opslagterrein moest rijden. Je zag haar dan helemaal opleven. Haar ogen begonnen te glinsteren en aan haar houding kon je zien dat ze wel zou willen voordoen, hoe haar moeder met die grote platte turfwagens over de smalle planken reed.
    Ook over haar tijd bij de familie Meijer kon Margje Mulder heel enthousiast vertellen. Ze had het bij deze mensen erg naar haar zin en wilde er niet weg, maar ze moest met haar ouders mee toen die in 1925 naar Eindhoven verhuisden. Als afscheids- en verjaardagscadeau kreeg ze van de heer en mevrouw Meijer nog een nieuwe mantel. Het verhaal over de familie Meijer sloot ze steevast als volgt af: "Ik had het daar erg naar mijn zin! En ik heb er ook nog goed verdiend hoor!"

    Aan het begin van de twintiger jaren is het met de turf- en veenindustrie in Drenthe gedaan. Door de komst van de bruin- en steenkool is de vraag naar turf vrijwel tot nul gereduceerd. Als gevolg daarvan komen de vele veenarbeiders in de zuid-oosthoek van de provincie zonder werk en inkomen te zitten en moeten ze proberen elders aan de slag te komen. Door de uitvinding van de elektriciteit en de grote vraag naar gloeilampen is er bij de "bekende gloeilampenfabriek in het zuiden des lands" een nijpend personeelstekort. Om aan dat probleem een einde te maken biedt de Philips-directie haar werknemers niet alleen een goed salaris aan, maar krijgt het personeel ook een goede en betaalbare huurwoning aangeboden in één van de nieuwbouwwijken van Eindhoven, het zogenaamde "Philips-dorp". Veel inwoners uit de noordelijke provincies verhuizen daardoor aangetrokken naar deze gemeente in Noord-Brabant. Nadat andere provinciegenoten en veenarbeiders hen al zijn voorgegaan besluiten Anne Mulder en Geesje Luchies om ook naar Eindhoven te verhuizen. Precies op de achttiende verjaardag van hun oudste dochter verhuizen ze met hun kinderen naar de Beukenlaan 8. Bij Philips vindt niet alleen Anne Mulder werk, ook zijn twee oudste dochters Margje en Sietske gaan in één van de productieafdelingen van het concern aan de slag.
    Nog geen jaar na de verhuizing bevalt Geesje Luchies op 31 juli 1926 van een tweeling, Sietse en Harm. Groot is het verdriet als Harm nog geen zes weken na de geboorte overlijdt.
    Op 29 januari 1932 vieren Anne Mulder en Geesje Luchies hun 25-jarig huwelijksfeest. Anne Mulder is nooit erg sterk geweest en Geesje Luchies is omstreeks die tijd ook vaak ziek. Als gevolg daarvan moet Margje Mulder haar huwelijk met Eino Schut een paar keer uitstellen. Dit huwelijk vindt niet eerder plaats dan op 28 september 1933. Eino Schut is op 5 december 1903 in Nieuw-Buinen, gemeente Borger geboren en werkt sinds de zomer van 1929 bij Philips.
    Over Margje Mulder en Eino Schut meer in het boek: "Genealogie familie Schut, 1800-2000".

    Op 29 april 1934 , twee jaar na het vieren van hun vijfentwintigjarig huwelijk en een paar maanden nadat zijn oudste dochter in het huwelijk is getreden met Eino Schut, overlijdt Anne Mulder. Hij is slechts zesenveertig jaar oud geworden. Geesje Luchies blijft daardoor achter met een groot gezin, waarvan dan nog acht kinderen thuiswonend zijn. Grietje Jantina en Margje hebben door hun huwelijk het ouderlijk huis aan de Beukenlaan dan al verlaten. Immers, het is hiervóór al gezegd, Margje is op 28 september 1933 getrouwd met Eino Schut. Ze woont op het moment van het overlijden van haar vader in de gemeente Huizen en is in verwachting van haar zoon Anne Henderikus. En Grietje Jantina Mulder is op 18 september 1930 in het huwelijk getreden met Roelf Mulder uit Onstwedde in Groningen. Hoewel de naam Roelf Mulder anders doet vermoeden, is Grietje's echtgenoot niet verwant aan de familie Mulder uit Smilde of Nieuw-Amsterdam.
Nu eerst de tekst van de overlijdensakte van Anne Mulder (100).

 

            Memorie van Successie.

    Sinds 1806 moet van elke overledene in de "Memorie van aangifte der nalatenschappen" of "Memories van Successierechten" worden aangegeven wat hij had nagelaten, zodat over de waarde daarvan belasting geheven kon worden. De Ontvanger van het successierecht taxeerde de waarde van de vermogensbestanddelen en stelde een overzicht samen van de baten en lasten. Men hoefde geen belasting te betalen, wanneer er alleen erfgenamen in de rechte lijn waren (kinderen, kleinkinderen,ouders, grootouders). Vanaf 1878 werd ook deze groep belast, maar alleen dan wanneer de erfenis, na aftrek van schulden, meer dan duizend gulden bedroeg. De memorie bevat de namen van de overledene, de plaats van overlijden, burgerlijke staat, waarde van de roerende goederen, ligging en waarde van de onroerende goederen, namen van erfgenamen en legatarissen en of er al dan niet testamenten of andere notariële akten zijn.
    Geesje Mulder-Luchies ontvangt in oktober 1934 van de Ontvanger van het successierecht-kantoor Eindhoven het verzoek om vóór 29 december 1934 een opsomming te doen van de bezittingen en de nalatenschap van haar overleden echtgenoot.
    De memories van successie zijn openbaar, wanneer ze ouder zijn dan 75 jaar. Daardoor is het niet mogelijk na te gaan wat en hoe groot die bezittingen waren en/of daarover door Geesje Mulder-Luchies belasting is betaald. Omdat ze kan lezen noch schrijven wordt één en ander door de kinderen afgehandeld. Veel waarde zullen haar eigendommen niet gehad hebben, zodat aangenomen mag worden dat zij van het betalen van successie-belasting was vrijgesteld.

    Bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog zijn alle kinderen, behalve Margje en Grietje, nog vrijgezel en wonen ze nog bij hun moeder. Jan Mulder trouwt op 10 mei 1943 in Hoogezand met zijn nicht Annigje Hillegonda Mulder, dochter van Roelof Mulder en Hilligje Moes. Annie Mulder is geboren op 20 augustus 1918 te Veenoord, gemeente Sleen.
    De oorlogsjaren gaan aan Geesje Mulder-Luchies en haar kinderen niet ongemerkt voorbij. Ook voor hen waren het spannende tijden. Vrijwel al haar kinderen nemen deel aan het verzetswerk en ook zijzelf laat zich niet onbetuigd in haar afkeer van de Duitse bezetting. Bovendien was ze "niet op haar mondje gevallen". Hieronder een paar voorbeelden van haar houding gedurende de oorlogsjaren;.een houding waaraan menig Nederlander een voorbeeld zou kunnen nemen.
    Overbekend is het verhaal dat ze bij het boodschappen doen een Duitse soldaat, die de winkeldeurvoor haar openhoudt, snibbig toebijt: "Dat kan ik zelf ook wel hoor! Daar heb ik jou niet voor nodig!"
    Haar zoon Jan Mulder is vanwege zijn anti-Duitse werkzaamheden opgepakt en in een politiecel vastgezet. Toen Geesje Mulder-Luchies hoorde dat hij daar niet al te veel te eten kreeg wilde ze hem een paar boterhammen brengen. De Duitse commandant en een Nederlandse NSB-politieman vragen haar naar de reden van haar komst. Ze vraagt daarop aan de heren of die de sneetjes brood aan haar zoon willen geven. Beide heren weigeren dat te doen, waarna er tussen de bezorgde moeder en de "heren" een verhitte discussie ontstaat. De NSB-er dreigt daarop haar te zullen arresteren en gevangen te zetten, waarna Geesje Mulder-Luchies heel adrem antwoordde: "dat ze dan een weduwe met nog acht kinderen thuis zouden opsluiten en dàt durven jullie toch zeker niet te doen!", of woorden van gelijke strekking. Daarna lieten ze haar ongehinderd vertrekken.
    Een nog sprekender voorbeeld van haar afkeer van de Duitsers is het feit dat Geesje Mulder-Luchies gedurende een groot deel van de oorlogsjaren aan joodse en niet-joodse onderduikers huisvesting heeft verschaft. Daarvoor wordt haar postuum in 1982 door de Israëlische regering een hoge onderscheiding toegekend. Daarover meer in het hoofdstuk YAD VASHEM.
    Cent Mulder werkt vanaf circa 1933 bij Philips, eerst op de afdeling Expeditie van de golfkarton fabriek; vanaf 1935 op de concern-expeditie, afdeling Buitenland. In het voorjaar van 1943 worden bij het bedrijf goederen afgeleverd die bestemd zijn voor onderduikers uit de regio Eindhoven. Mogelijk uit angst voor represailles heeft de Philips-directie daarna al het expeditiepersoneel op staandevoet ontslagen. Omdat Cent Mulder ook actief was in het verzetswerk is hij uit voorzorg uit Eindhoven weggegaan. Vanaf 14 april 1943 woont hij ruim een jaar bij zijn zuster Margje Schut-Mulder in Jutphaas. Begin mei 1944 wordt het ontslagen expeditiepersoneel door de Philips-directie gerehabiliteerd, waarna Cent Mulder zijn oude functie weer terugkrijgt.

    Een jaar na afloop van de oorlog treden vier van kinderen van Anne Mulder en Geesje Luchies in het huwelijk. Op 31 mei 1946 trouwt Roelofje Mulder met Johannes Kelder. Egbert Mulder geeft op 21 augustus 1946 het ja-woord aan Reniera van Bemmel uit Leerdam en op 12 december 1946 trouwt Hinke Mulder met Jan van Bemmel ook uit Leerdam, terwijl op dezelfde dag Sietske Mulder en Otto Staats uit Gasselte eveneens in het huwelijksbootje stappen. Cent Mulder en Roelfiena Soetendal beloven elkaar op 22 juli 1948 eeuwige trouw. Anna Gesina Mulder en Ruth van Straaten. geboren in Harderwijk doen hetzelfde op 11 mei 1950 en als laatste treden Sietse Mulder en Antonia Snikkers uit Ridderkerk op 26 juli 1951 in het huwelijk. Sietse, Cent en Egbert worden niet oud. Sietse wordt niet ouder dan 39 jaar, Cent slechts 35 jaar en Egbert overlijdt één week voor zijn 52e verjaardag.

    Geesje Mulder-Luchies woont vanaf oktober 1925 aan de Beukenlaan, maar omstreeks 1966 is haar geestesgesteldheid zover achteruit gegaan dat het niet langer verantwoord is daar zelfstandig te blijven wonen. Haar zoon en schoondochter Jan en Annie Mulder besluiten daarop haar in hun huis nemen. Op 12 september 1966 verhuist Geesje Mulder-Luchies naar de Sebastiaan van Noyestraat 9. Omdat ze geestelijk erg snel achteruit gaat verhuist ze op 18 augustus 1967 naar een verzorgings- en verpleeghuis aan de St. Claralaan 8. Ze voelt zich daar echter niet "thuis" als gevolg waarvan ze nog meer in de war raakt. Herhaalde malen loopt ze weg uit het tehuis en is ze op zoek naar het huis van "ons Jan". Voor Jan en Annie Mulder is dat aanleiding om vanaf 28 februari 1968 haar opnieuw in huis op te nemen en te verzorgen. Tweeëneenhalf jaar later overlijdt Geesje Mulder-Luchies op 84-jarigeleeftijd.

    Op vrijdag 9 oktober 1970 wordt ze begraven. Voorafgaande aan de begrafenis vindt er een afscheidsdienst plaats in de Gereformeerde Kerk en in het kerkblad verschijnt een kort in memoriam. Wat daar over haar geschreven wordt typeert haar precies zoals ze was en geleefd had en in de herinnering van haar kinderen en kleinkinderen is blijven voortleven. We laten hieronder die tekst volgen.

YAD VASHEM

    Over het leven van Geesje Mulder-Luchies, - onze moeder, groot- en overgrootmoeder, zou nog veel meer te vertellen zijn, ware het niet dat we haar levensloop willen afsluiten met de berichtgeving over de onderscheiding die haar door de Israëlische regering postuum is uitgereikt. Voorgaand is al aangegeven dat Geesje Mulder-Luchies tijdens de oorlogsjaren een groot aantal Joodse en niet- Joodse medeburgers heeft geholpen en gehuisvest. Eén van de Joodse onderduikers was mevrouw Jetta de Groot-Heyden (Minke, HV), die na veel omzwervingen met twee van haar kinderen 1 ½ jaar bescherming en verzorging had gevonden bij Geesje Mulder-Luchies.
   
Na de oorlog emigreert mevrouw De Groot naar Israël. Uit dankbaarheid en respect stelt ze Israëlische overheid voor aan Geesje Mulder-Luchies de Yad Vashem-onderscheiding toe te kennen. Deze onderscheiding wordt op 8 december 1982 aan Jan Mulder overhandigd in het Koninklijk Instituut voor de Tropen, Mauritskade 63 te Amsterdam.
    Hieronder volgt de toespraak van de ambassadeur van Israël, de tekst van de uitgereikte oorkonde en de lijst van personen aan wie op die dag de eremedaille werd uitgereikt.

De tekst van de uitgereikte oorkonde luidt:

(De datum van de zitting is niet ingevuld. Zitting wordt gehouden op 26 oktober 1981)

Tot slot wordt in een bijgeleverde lijst van onderscheiden personen over Mulder-Luchies het volgende gezegd.

 

Kinderen van ANNE MULDER en GEESJE LUCHIES.

Dit is het laatste gedeelte van het hoofdstuk over het gezin van Anne Mulder en Geesje Luchies. Op de volgende bladzijden wordt summier aandacht besteed aan hun kinderen. Van hen geven we slechts de geboorte-, de huwelijks- en indien nodig de overlijdensdatum weer met de namen en geboortedata van de partners en van de kinderen die uit deze huwelijken zijn voortgekomen. Vrijwel alle hierna volgende gegevens zijn ontleend aan de zogenaamde "Persoonskaarten" van het Centraal Bureau voor Genealogie in Den Haag. Deze kaarten zijn handmatig bijgehouden tot circa 1994, daarna is de overheid overgestapt op computerregistratie met een veel beknoptere "Persoonslijst".
    Van de veertien kinderen van Anne Mulder en Geesje Luchies zijn er vier op zeer jonge leeftijd overleden. We hebben dat voorgaand in een overzicht al laten zien en zullen aan die overleden kinderen verder geen aandacht meer besteden.

MARGJE MULDER / EINO SCHUT.

    Margje Mulder wordt op 21 oktober 1907 in Nieuw-Amsterdam, gemeente Emmen geboren. Ze treedt op 28 september 1933 in het huwelijk met Eino Schut. Hij is op 5 december 1903 in Nieuw-Buinen, gemeente Borger geboren. Zijn ouders zijn Henderikus Schut. Geboren op 2 april 1874 in Wildervank en Jennigje Westendorp. Zij is op 15 mei 1875 in Kampen geboren.
    Het gezin Schut-Westendorp telt oorspronkelijk negen kinderen. Van hen overlijden er vier op jonge leeftijd. Aanvankelijk zou Eino Schut in het najaar van 1928 in het huwelijk treden met Marchien Schoemaker, geboren op 15-12-1906 in Emmen. Op 7 september 1928 gaan ze in ondertrouw. De aanstaande bruid woont dan in de gemeente Sleen. Van dit voorgenomen huwelijk wordt de volgende dag afkondiging gedaan, maar Marchien Schoemaker overlijdt tweeëneenhalve week later aan TBC. Ze wordt op vrijdag 28 september 1928 begraven.
    Ruim acht maanden na haar begrafenis verhuist Eino Schut naar Eindhoven en gaat bij Philips werken. Hij "ligt er in de kost" bij de familie Beens, Beukenlaan 4. Daar leert hij Margje Mulder kennen, die met haar ouders op het adres Beukenlaan 8 woont. Op 28 september 1933, - op de dag af vijf jaar na de begrafenis van zijn eerste "grote liefde" - trouwt hij met haar. Omdat hij inmiddels als uitvoerder/opzichter in dienst is getreden bij de Nederlandse Heide Maatschappij werkt en woont hij niet meer in Eindhoven, maar is hij eind 1932 naar de gemeente Huizen verhuisd.
    Eino Schut en Margje Mulder krijgen zeven kinderen; drie meisjes en vier jongens.

1: ANNE HENDERIKUS SCHUT geboren: 19 juli 1934 te Huizen.
    Treedt op 5 augustus 1965 in het huwelijk met Mina Geziena Breeland, geboren op 1 augustus 1939 in Nieuwe-Pekela (Gr), dochter van Arend Breeland, geboren op 26 november 1885 te Bellingwolde en van Antke Huizing, geboren te Vlagtwedde op 6 juni 1902.
Anne en Miny krijgen vier kinderen, één meisje en drie jongens. De drie oudsten worden in Groot-Ammers (Z-H.) geboren, de jongste in het ziekenhuis te IJsselstein.
   
1a: Antke, geboren 9 november 1966.
    1b: Eino, geboren 13 september 1967.
    1c: Arend, geboren 29 mei 1970.
    1d: Marc, geboren 25 september 1976.

2: JENNIGJE SCHUT geboren 8 april 1936 te Bussum.
    Trouwt op 15 mei 1956 met Johan Marinus van Balkum, geboren op 27 november 1924 te en wonende in Utrecht. Hij is een zoon van Jan Hendrik van Balkum, geboren op 5 februari 1892 te Zwolle en van Marianna Knupker, geboren op 14 juli 1890 in Utrecht.
    Het echtpaar Van Balkum-Schut krijgt twee dochters.
        2a: Willy, geboren 22 september 1957 te Utrecht.
        2b: Marga, geboren 25 april 1961 Utrecht.
Beide kinderen trouwen met twee broers:
         Willy van Balkum met Henk Loedeman: 16 november 1978 te Nieuwegein.
         Marga van Balkum met Marten Loedeman: 2 augustus 1982 te Nieuwegein.

Johan Marinus van Balkum overlijdt op 6 juni 1993 te Nieuwegein. Donderdag 10 juni 1993 vindt de crematieplechtigheid plaats in het crematorium “Noorderveld” te Nieuwegein.

3: GEESJE SCHUT geboren 31 januari 1938 te Renswoude.
    Op 20 december 1962 trouwt ze in Jutphaas met Jacob Willem Stoel, geboren op 12 september 1931 in Maastricht en wonende in de gemeente Houten. Zijn vader – Jacob Marinus Stoel en zijn moeder Maatje Janna van der Wekken - worden respectievelijk geboren op 22 juni 1897 en 3 mei 1904 op Schouwen-Duiveland (ZL.). De eerste in Brouwershaven en de tweede in de gemeente Duivendijke.
    Jaap Stoel en Geesje Schut krijgen twee zoons die beiden in Houten worden geboren:
    3a: Jacob Marinus, geboren 6 september 1964. Verhuist na 1985 naar IJsselstein.
    3b: Eino, geboren 17januari 1966. Hij trouwt op 2 mei 1997 in Nieuwegein met Sonja Esselink. Kort na hun huwelijk verhuizen ook zij naar de gemeente IJsselstein.

4: HENDERIKUS SCHUT geboren 9 augustus 1939 te Jutphaas. Ongehuwd.

5: JAN SCHUT geboren 13 december 1941 in Jutphaas.
Hij trouwt op 17 september 1964 met Froukje van der Weg geboren op 30 maart 1941 in Lutjepost, onder Buitenpost, in de gemeente Achtkarspelen (Fr.). Haar ouders zijn Feddrik van der Weg, geboren op 29 mei 1885 en Sjoukje Postma geboren op 11 januari 1901. Beiden in Gerkesklooster (Fr.)
    Jan Schut en Froukje van der Weg krijgen twee kinderen:
        5a: Herma Margje, geboren 15 oktober 1965 te Jutphaas. Ongehuwd en vanaf 13 juni 1985 woonachtig in de gemeente Amersfoort.
        5b: Edwin Feddrik, geboren 18 februari 1969. Woont vanaf 1 oktober 1994 met Silvana Bernadina Maria Velt aan de Sonatelaan 54 te Nieuwegein. Zij is op 28 november 1968 in Utrecht geboren. Op 10 augustus 1998 krijgt het samenwonen van Edwin en Silvana een meer officieel karakter nadat de ambtenaar van de burgerlijke stand der gemeente Nieuwegein een Akte van partnerschap heeft opgemaakt. Op 1 mei 1999 verhuizen Edwin en Silvana naar een nieuwe woning: Guido Gezellehove 47, Nieuwegein.

6: DIRKJE SCHUT geboren 25 april 1946 te Jutphaas.
    Op 1 augustus 1975 trouwt ze in het stadhuis van Assen met Frederik Jacobus Schipper. Ferry en Dicky krijgen twee kinderen:
   
6a: Liesbeth Clara, geboren 15 januari 1971.
    6b: Joost Folkert, geboren 8 juli 1979.

Het huwelijk wordt in 1997 ontbonden.

7: CENT SCHUT (roepnaam Rien) geboren op 16 april 1948 te Jutphaas.
    Hij treedt op 30 maart 1972 in Nieuwegein in het huwelijk met Wilhelmina Helena Adriana Dolman, geboren op 8 september 1947 te Amsterdam. De bruid is een dochter van Gerardus Leonardus Dolman en van Helena Wilhelmina Roelofs.
    Rien
en Wilma krijgen drie kinderen: één dochter en twee zoons:
        7a: Esther, geboren op 5 september 1975 te IJsselstein.
        7b: David, geboren op 19 oktober 1978 te Vianen.
        7c: Benjamin, geboren op 20 oktober 1983 te Vianen.

    Eino Schut overlijdt op 17 maart 1986 in de gemeente Utrecht. Op vrijdag 21 maart wordt hij na een rouwdienst in kerkelijk centrum "De Bron", Buizerdlaan 1 Begraven op de algemene begraafplaats "Noorderveld" te Nieuwegein.

    Margje Schut-Mulder overleeft haar man bijna dertien jaar. Zij overlijdt op 91-jarige leeftijd op 10 januari 1999. De afscheidsdienst wordt gehouden op vrijdag 15 januari in de aula van de begraafplaats "Noorderveld" . Aansluitend daarop volgt de begrafenis.

 

SIETSKE MULDER / OTTO STAATS

    Sietske Mulder wordt op 3 oktober 1908 geboren te Nieuw-Amsterdam, gemeente Emmen. Ze treedt op 12 december 1946 in Eindhoven in het huwelijk met Otto Staats uit Gasselte, een dorpje ingesloten door de gemeenten Gieten, Rolde en Borger in Drenthe en Wildervank in de provincie Groningen. Otto Staats is op 22 september 1903 in Gasselte geboren en landarbeider (grondwerker) van beroep. Hij is een zoon van Jan Staats, geboren 12 augustus 1869 te Gasselte en van Zwaantien HogenEsch, geboren op 18 januari 1874 te Gieten.
   
Otto Staats en Sietske Mulder krijgen op 16 januari 1950 een dochter, Zwaantien, roepnaam Tina. Geboorteplaats Goningen.
   
Tina trouwt op maandag 15 juni 1970 in Gasselternijeveen met Harry Klein, een slagerszoon uit Stadskanaal.
   
Otto Staats overlijdt op 21oktober 1978 in zijn geboorteplaats Gasselte. Sietske Mulder overlijdt op 24 mei 1999 in de gemeente Stadskanaal. Ze wordt op zaterdag 29 mei 1999 vanuit uitvaartcentrum "Maarsstee" te Stadskanaal, begraven op de algemene begraafplaats te Gasselternijeveen.

 

GRIET JANTINA MULDER / ROELF MULDER

    Griet Jantina Mulder wordt op 11 november 1911 geboren. Op 18-jarige leeftijd trouwt zij met de op 4 oktober 1907 in Onstwedde geboren Roelf Mulder, zoon van Berend Mulder en van Aaltien Stevens. Hoewel bruid en bruidegom dezelfde achternaam voeren bestaat er tussen hen geen verwantschap. Roelf is eerst grondwerker van beroep, later fabrieksarbeider en onderbaas. Het huwelijk tussen Grietje en Roelf Mulder wordt op 18 september 1930 op het stadhuis van Eindhoven voltrokken. Het is wat men een gedwongen huwelijk noemt, want zes maanden na de huwelijksvoltrekking wordt Berend geboren: 19 maart 1931. Deze jongen overlijdt op 9 februari 1946. Op 19 juni 1936 wordt Geesje geboren en op 20 januari 1948 Aaltje Berendina. Geesje trouwt op 23 juli 1959 met P. Mortier en Aaltje op 24 maart 1970 met H.J. Hijwegen.
    Roelf Mulder
overlijdt op 2 september 1981 en Griet Jantina op 29 juni 1988, na een jarenlang verblijf in een verzorgingshuis.
    De begrafenisplechtigheid vindt vijf dagen later plaats. Voorafgaand aan de uitvaart vindt een herdenkingsdienst plaats.

 

JAN MULDER / ANNIGJE HILLEGONDA MULDER

Geesje Mulder-Luchies bevalt op 1 november 1913 van een zoon Jan, maar dit kind overlijdt zeventien dagen later. Op 19 februari 1915 wordt het gezin Mulder-Luchies opnieuw uitgebreid met een zoon, die weer de naam Jan krijgt. Jan Mulder treedt op 10 mei 1943 in Hoogezand in het huwelijk met zijn nicht Annigje Hillegonda Mulder, dochter van Roelof Mulder en Hilligje Moes. Annigje Hillegonda wordt op 20 augustus 1918 te Sleen (Veenoord) geboren. Van beroep is ze coupeuse. Ten tijde van haar huwelijk woonde ze te Nieuwe-Compagnie, gem. Hoogezand. Jan Mulder is controleur van beroep. Na hun huwelijk wonen Jan en Annie Mulder eerst Luipaardstraat 12 te Geldrop, later verhuizen ze naar Eindhoven.
    Het echtpaar krijgt vijf kinderen:

    1: Geesje Hillegonda. geboren op 1 april 1944.
        Trouwt met Hans Hagendoorn. Geesje overlijdt op 1 februari 1980 te Maarheeze. Vier dagen later volgt haar crematie te Heeze.
    2: Roelof. geboren op 20 mei 1945. Trouwt met Anneke Jongepier.
    3: Anne. geboren 10 februari 1947. Trouwt met Henrica Johanna Antonia Logtens. geboren te Eindhoven op 19 mei 1954. Van beroep typiste.
    4: Hilligje. geboren op 9 december 1949 in Eindhoven. Laborante van beroep.
    5: Centina Ingrid. geboren te Eindhoven op 29 november 1955. Assistente inkoopplanning. Treedt op 18 februari 1971 in het huwelijk met Hendrik Filippus Vermeer, geboren te Eindhoven op 26 juni 1953. Beroep: machinist, chauffeur.

Jan Mulder en Annigje Hillegonda Mulder wonen sinds enige tijd in een verzorgingshuis, Sterkenburg 12 te Eindhoven.

 

CENT MULDER / ROELFIENA SOETENDAL

    Cent Mulder is het achtste kind en de derde zoon van Anne Mulder en Geesje Luchies. Voor Cent's geboorte zijn er al drie kinderenvan Anne Mulder en Geesje Luchies overleden:
*: GRIETJE. geboren op 10 jan. 1910 en overleden op 3 aug. 1911.
*: Jan geboren op 1 nov. 1913 en overleden 17 november 1913.
*. Op 5 februari 1917 wordt CENTlENA geboren. Groot is het verdriet van de ouders als dit meisje ruim anderhalf jaar later op 21 nov. 1918 overlijdt (97).

    Als Centiena overlijdt is Geesje Mulder-Luchies ongeveer zes maanden in verwachting. Op 25 februari 1919 wordt Cent Mulder geboren. Hij gaat later als kantoorbediende bij één van de Philipsfabrieken werken.
    Cent Mulder treedt op 22 juli 1948 in het huwelijk met Roelfiena Soetendal, op 28 dec. 1921 te Marum (Gr.) geboren. Na zijn huwelijk verhuist hij van de Beukenlaan 8 naar de Keldermansstraat 51 en vanaf 31 mei 1950 wonen Cent en Roelfiena Mulder-Soetendal aan de Bredalaan no. 184 in Eindhoven.
    Hun huwelijk blijft kinderloos en duurt slechts zes jaar. Cent Mulder is lichamelijk niet erg sterk. Hij overlijdt op 25 augustus 1954, slechts 35 jaar oud. Op zaterdag 28 augustus wordt hij begraven. Cent Mulder was een graag gezien en bemind persoon, niet alleen bij zijn familie, vrienden en bekenden maar ook binnen het Philips-concem. In het personeelsblad lezen we: 

 

EGBERT MULDER / RENIERA VAN BEMMEL

    Egbert Mulder wordt op 18 april 1921 in de gemeente Emmen geboren (97). Na de verhuizing van zijn ouders in oktober 1925 doorloopt hij in Eindhoven de lagere school. Evenals zijn oudere broers gaat Egbert later ook bij Philips werken. Op 20 februari 1946 verhuist hij naar Leerdam, waar hij als glasblazer werkt bij de plaatselijke glasfabriek. In deze gemeente treedt hij op 21 augustus 1946 in het huwelijk met Reniera van Bemmel, geboren op 24 november 1919 in Leerdam. Zij is een dochter van Comelis van Bemmel, geboren op 29 juni 1890 te Vianen en van Antonia Hendrika Verhoeven, geboren op 15 december 1895 te Vianen.
    Vanaf 20 februari 1946 tot 11 augustus 1948 wonen Egbert Mulder en zijn vrouw in de Groen van Prinstererstraat te Leerdam op nr. 21; vanaf laatstgenoemde datum tot februari 1951 in dezelfde straat op nr. 36. In 1951 verhuist Egbert met vrouw en kinderen naar Eindhoven, waar hij voor een periode van vijf maanden intrekt bij zijn moeder Geesje Mulder-Luchies.
    Daarna verhuist het gezin Mulder-van Bemmel, dat dan uit zes personen bestaat, naar een woning in de Morsestraat in Eindhoven.
    In Leerdam worden vier kinderen geboren:
1: GEESJE. geboren op 5-5-1947.
2: CORNELlS. geboren 21-11-1948.
3: ANTONIA HENDRIKA. geboren 11-6-1950.
4: ANNE. geboren 8-6-1951.

In Eindhoven komen er nog zes kinderen bij:

5: EGBERT. geboren 4-8-1952.
6: RENIERA. geboren 8-10-1953.
7: JAN. geboren 24 maart 1955.
8: BASTlAAN HENDRIK. geboren 17-7-1957.
9: JAN WILLEM. geboren 17-6-1959.
10: HINKE. geboren 23-4-1962.

Na van 4 juli 1951 tot 17 juli 1956 in de Morsestraat op nummer 10 te hebben Gewoond verhuizen Egbert en Reniera op laatstgenoemde datum naar de Needestraat 41. Vanaf 12 februari 1964 bewoont de familie de woning Generaal Diemontstraat 38. Daar overlijdt Egbert Mulder op bijna 52-jarige leeftijd op 11 april 1973. In het Eindhoven’s kerkblad wordt aan dit overlijden uitvoerig aandacht besteed:

    De weduwe Reniera Mulder-van Bemmel is na het overlijden van haar man in deze woning blijven wonen en woont daar tot op de dag van vandaag bij en met één van haar kinderen.

 

ROELOFJE MULDER / JOHANNES KELDER

    Roelofje Mulder is het tiende kind en de zesde dochter van Anne Mulder en Geesje Luchies. Zij wordt op 23 september 1922 geboren. Een jaar na afloop van de Tweede Wereldoorlog treedt zij in Eindhoven in het huwelijk met Johannes Kelder. Trouwdatum: 31 mei 1946. Hij heeft achtereenvolgens het beroep van landarbeider, schoenmaker, arbeider, fabrieksarbeider en liftbediende uitgeoefend. Evenals Roelofje Mulder is ook Johannes Kelder afkomstig uit de provincie Drenthe. De bruidegom is op 16 november 1919 in de gemeente Odoorn geboren en zijn vader, Albert Kelder, op 13 april 1881 in Oosterhesselen. Zijn moeder, Jantje Bos, is afkomstig uit de Friese gemeente Lemmer, waar zij op 3 februari 1885 is geboren. Johannes Kelder verhuist op 14 december 1936 vanuit de gemeente Sleen naar de Wilgenstraat 29 in Eindhoven. Vanaf 6 augustus 1940 woont hij in de Venstraat op nummer 11. Daar worden later twee kinderen geboren. Op 27 juni 1949 verhuist het gezin Kelder - Mulder naar de Van der Marckstraat 12 om bijna drie jaar later weer een woning te betrekken in de Venstraat op nummer 45. Vanaf 2 augustus tenslotte wonen Johannes Kelder en Roelofje Mulder in de Coppestraat op nr. 3.
   
Johannes en Roelofje krijgen acht kinderen, waarvaner twee op dezelfde datum geboren worden; één op 23 april 1953 en de ander op 23 april 1961.

1: GEESJE. geboren op 20 maart 1947. Trouwt op 7 mei 1965 met G.M. Murraij.
2: ALBERT. geboren 23 mei 1948. Trouwt op 8 september 1972 met H.J. Kerkhof.
3: ANNE. geboren 10 november 1949.
4: JANTJE. geboren 7 januari 1951.
5: JAN WILLEM. geboren 23 april 1953.
6: RENGER. geboren 4 oktober 1954.
7: CATHARINA. geboren 26 februari 1956. Trouwt op 30 mei 1973 met J.M.A. van Maurik.
8: IOHANNA ROELFINA. geboren 23 april 1961.

    Johannes Kelder overlijdt op 56-jarige leeftijd op 4 april 1976. Roelofje Mulder wordt ook niet oud. Zij overlijdt in de leeftijd van 65 jaar op 3 juli 1988.
Haar begrafenis vindt plaats op donderdag 7 juli 1988 op de Algemene Begraafplaats aan de Oude Torenstraat te Eindhoven.

 

HINKE MULDER / JAN WlLLEM VAN BEMMEL

    Hinke Mulder wordt op 21 februari 1924 geboren. Hiervoor hebben we gezien dat Egbert Mulder op 21 augustus 1946 in Leerdam is getrouwd met Reniera van Bemmel, en dat op 31 mei 1946 het huwelijk is voltrokken tussen Roeloffe Mulder en Johannes Kelder en dat op 12 december 1946 Sietske Mulder en Otto Staats elkaar het ja-woord hebben gegeven.
   
Hinke Mulder is het vierde kind van Anne Mulder en Geesje Luchies die in het jaar 1946 in het huwelijk treedt. Wat hier niet onopgemerkt mag blijven is dat zij op dezelfde dag dat haar zuster Sietske en Otto Staats in het huwelijksbootje stappen, in het huwelijk treedt met Jan Willem van Bemmel uit Leerdam. Vermeldenswaardig verder dat Jan Willem van Bemmel een jongere broer is van Reniera van Bemmel die met Egbert Mulder is getrouwd.
   
Jan Willem van Bemmel heeft gedurende zijn werkbare leven diverse beroepen uitgeoefend, zo is hij o.a. winkelbediende, leerlingverpleger, fabrieksarbeider, controleur van röntgenapparatuur en kantoorbediende bij Philips geweest.
    Het huwelijk tussen Jan Willem van Bemmel en Hinke Mulder blijft kinderloos. Wel hebben ze later een zoon geadopteerd.
   
Jan Willem van Bemmel overlijdt op 65-jarige leeftijd op 5 april 1987.

 

ANNA GESINA MULDER / RUTH VAN STRAATEN

    Anna Gesina Mulder is de jongste dochter van Anne Mulder en Geesje Luchies. Zij is ook het laatste kind uit het gezin, dat in in de burgerlijke stand van de gemeente Emmen (Dr.) wordt ingeschreven. Ze wordt geboren op 13 mei 1925. Een half jaar na haar geboorte verhuizen Anne Mulder en Geesje Luchies naar de Beukenlaan 8 in Eindhoven. Twee dagen vóór haar 25e verjaardag treedt Anna Gesina Mulder in het huwelijk met Ruth van Straaten. Hij is op 31 juli 1918 in Harderwijk geboren; zoon van Leendert van Straaten, geboren op 15 april 1892 in Harderwijk en van PetronelIa van den Hoofdakker, geboren op 2 mei 1897 te Kesteren in de Betuwe.
   
Ruth van Straaten werkt als fabrieksarbeider bij één van de Philipsbedrijven in Eindhoven. Anna Gesina Mulder en Ruth van Straaten krijgen vijf kinderen, vier zoons en één dochter.

1: LEENDERT. geboren op 25 april 1951. Trouwt met H.M.F. Keim.
2: ANNE. geboren 4 april 1953. Trouwt met I.W. Ihmels.
3: PETRONELLA. geboren op 22 juli 1954. Trouwt op 13 september 1974 met H.N. van Rozendaal.
4: BEREND VINCENT. geboren 6 april 1961.
5: EVERT WILLEM. geboren op 23 maart 1966.

Ruth van Straaten overlijdt op 73-jarige leeftijd op 26 november 1991.

 

SIETSE MULDER / ANTONIA SNIKKERS

    Sietse Mulder is het oudste kind van een tweeling. Sietse en Harm Mulder worden geboren op 31 juli 1926. De eerste om half twaalf' s avonds, de tweede een kwartier later. Groot is het verdriet van Anne Mulder en Geesje Luchies als Harm zes weken na de geboorte overlijdt.
    Het is vanzelfsprekend dat Sietse Mulder evenals zijn oudere broers, later in dienst treedt bij één van de Philipsbedrijven. Hij begint er als loopjongen, maar later wordt hij controleur.
    Op 26 juli 1951 trouwt hij in het gemeentehuis van Eindhoven met Antonia Snikkers, geboren op 1 juli 1928 in Ridderkerk. Sietse Mulder is niet erg sterk; al op jonge leeftijd heeft hij problemen met zijn hart en moet hij in het ziekenhuis in Utrecht een medische ingreep ondergaan.
   
Sietse Mulder en Antonia Snikkers krijgen één dochter: Nelly, geboren op 21 oktober 1952 te Eindhoven. Op 16 maart 1953 verhuist het jonge gezin van de Beukenlaan 8 te Eindhoven, waar ze bij Geesje Mulder-Luchies inwonen, naar de Lange Kruisweg 4, Veldhoven.
    Anderhalf jaar later keert de familie Mulder-Snikkers op 22 november 1954 weer terug naar Sietse's geboorteplaats Eindhoven en betrekken daar een woning aan de Halvemaanstraat 162.
   
Vier dagen na zijn 39e verjaardag overlijdt Sietse Mulder op 3 augustus 1965 op zijn vakantieadres in Zierikzee. Na vanuit Zierikzee naar Eindhoven te zijn overgebracht wordt de overledene opgebaard in het huis van zijn moeder Geesje Mulder-Luchies aan de Beukenlaan. De rouwdienst wordt gehouden op zaterdag 7 augustus in de aula van de Algemene Begraafplaats aan de Oude Torenstraat, waarna aansluitend de begrafenis plaatsvindt.

 

 

 

BIJLAGEN:

 

 

001 Overlijdensakte Hendrik Mulder 05-04-1869 gemeente Smilde- AFSCHRIFT
002 Overlijdensakte Grietien Jans Elsies 18-07-1855 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
003 Uittreksel doopregister Jan Mulder 27-08-1809 Smilde
004 Geboorteakte Roelof Mulder 13-09-1811 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
005 Geboorteakte Sent Mulder 03-12-1813 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
006 Geboorteakte Lammert Mulder 09-03-1816 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
006a Overlijdensakte Lammert Mulder 28-04-1879 Bovensmilde. gemeente Smilde - AFSCHRIFT
007 Geboorteakte Grietje Mulder 17-06-1825 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
007a Overlijdensakte Grietje Mulder 06-03-1914 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
008 Geboorteakte Wubbechien Mulder 19-03-1828 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
009 Geboorteakte Annigje Mulder 03-10-1832 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
009a Overlijdensakte Annigje Mulder 29-01-1859 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
010 Certificaat Nationale Militie van Jan Mulder (geb. 21-08-1809)
011 Uittreksel geboorteregister Harmtjen Kraak 25-10-1816 West-Stellingwerf
012 Jan Mulder. Toestemming van de commandant om te trouwen
013a Huwelijksakte Wubbechien Mulder en Hendrik Dik 25-05-1852 gemeente Smilde (1/2)
013b Huwelijksakte Wubbechien Mulder en Hendrik Dik 25-05-1852 gemeente Smilde (2/2)
014 Geboorteakte Anna Oosterga 30-10-1813 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
015 Overlijdensakte Jeene Martens Oosterga 08-02-1873 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
016 Overlijdensakte Arentje Karsten 06-04-1864 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
017a  Huwelijksakte Roelof Mulder en Anna Oosterga 22-04-1833 nr. 7 gemeente Smilde (1e blad)
017b Huwelijksakte Roelof Mulder en Anna Oosterga 22-04-1833 nr. 7 gemeente Smilde (2e blad) - AFSCHRIFT
018 Uittreksel geboorteregister Roelof Mulder 13-09-1811 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
019 Uittreksel geboorteregister Anna Oosterga 30-10-1813 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
020 Certificaat Nationale Militie van Roelof Mulder (geb. 13-09-1811)
021 Geboorteakte Jeene Mulder 19-12-1833 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
022 Overlijdensakte Jeene Mulder 14-03-1918 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
023 Geboorteakte Hendrik Mulder 13-04-1836 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
024 Overlijdensakte Hendrik Mulder 27-09-1908 Bovensmilde, gemeente Smilde - AFSCHRIFT
025 Geboorteakte Jan Mulder 14-12-1838 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
026 Overlijdensakte Jan Mulder 23-08-1909 Kloosterveen, gemeente Smilde - AFSCHRIFT
027 Geboorteakte Marten Mulder 13-09-1841 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
028 Overlijdensakte Marten Mulder 30-10-1893 Nieuw Amsterdam gemeente Emmen - AFSCHRIFT
029 Geboorteakte Geertje Mulder 01-01-1845 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
030 Geboorteakte Arentje Mulder 06-09-1847 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
031 Overlijdensakte Arentje Mulder 18-01-1918 Veenoord gemeente Sleen - AFSCHRIFT
032 Geboorteakte Cent Mulder 26-02-1850 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
033 Geboorteakte Fokke Mulder 16-10-1852 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
034 Overlijdensakte Fokke Mulder 07-07-1880 Kloosterveen, gemeente Smilde - AFSCHRIFT
035 Geboorteakte Anna Mulder 22-02-1855 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
036a Bevolkingsregister gemeente Smilde Blad 420 1850-1860 (1/3)
036b Bevolkingsregister gemeente Smilde Blad 420 1850-1860 (2/3)
036c Bevolkingsregister gemeente Smilde Blad 420 1850-1860 (3/3)
037a Bevolkingsregister gemeente Smilde Blad 931 1860-1881 (1/3)
037b Bevolkingsregister gemeente Smilde Blad 931 1860-1881 (2/3)
037c Bevolkingsregister gemeente Smilde Blad 931 1860-1881 (3/3)
038 Overlijdensakte Anna Oosterga 17-03-1860 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
039 Overlijdensakte Roelof Mulder 13-06-1877 Kloosterveen, gemeente Smilde - AFSCHRIFT
040 Geboorteakte Remmelt Daling 13-05-1812 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
041 Overlijdensakte Remmelt Daling 02-11-1891 Kloosterveen, gemeente Smilde - AFSCHRIFT
042 Geboorteakte Grietien Moes 16-04-1815 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
043 Overlijdensakte Grietien Moes 06-05-1878 Hijkersmilde, gemeente Smilde - AFSCHRIFT
044 Geboorteakte Marchien Daling 23-10-1851 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
045 Huwelijksakte Cent Mulder en Marchien Daling 29-04-1882 nr. 21 gemeente Smilde - AFSCHRIFT
046 Uittreksel geboorteregister Cent Mulder 26-02-1850 gemeente Smilde
047 Uittreksel geboorteregister Marchien Daling 23-10-1851 gemeente Smilde
048 Certificaat Nationale Militie van Cent Mulder (geb. 26-02-1850)
049 Certificaat van Onvermogen van Cent Mulder (geb. 26-02-1850)
050 Certificaat van Onvermogen van Marchien Daling (geb. 23-10-1851)
051a Boek IV Blad 926 Bevolkingsregister gemeente Smilde 1881-1900 (1/3)
051b Boek IV Blad 926 Bevolkingsregister gemeente Smilde 1881-1900 (2/3)
051c Boek IV Blad 926 Bevolkingsregister gemeente Smilde 1881-1900 (3/3)
052a Boek M Blad 200 Bevolkingsregister gemeente Emmen 1885-1904 (1/2)
052b Boek M Blad 200 Bevolkingsregister gemeente Emmen 1885-1904 (2/2)
053a Boek M2 Blad 35 Bevolkingsregister gemeente Emmen 1904-1917 (1/2)
053b Boek M2 Blad 35 Bevolkingsregister gemeente Emmen 1904-1917 (2/2)
054 Overlijdensakte Cent Mulder 22-12-1911 gemeente Emmen - AFSCHRIFT
055 Overlijdensakte Marchien Daling 13-03-1931 gemeente Emmen - AFSCHRIFT
055a1 Gezinskaarten A-Z Bevolkingsregister gemeente Emmen Vertrokken personen 1926-1936 Marchien Daling (1/2)
055a2 Gezinskaarten A-Z Bevolkingsregister gemeente Emmen Vertrokken personen 1926-1936 Marchien Daling (2/2)
056 Geboorteakte Roelof Mulder 24-03-1883 Kloosterveen, gemeente Smilde - AFSCHRIFT
057 Geboorteakte Hilligje Moes 18-03-1881 Hollandscheveld, gemeente Hoogeveen - AFSCHRIFT
058 Huwelijksakte Roelof Mulder en Hilligje Moes 15-03-1906 - AFSCHRIFT
059 Overlijdensakte Annigje Salomons 06-10-1894 Nieuw Amsterdam gemeente Emmen - AFSCHRIFT
060a Bevolkingsregister gemeente Sleen (Dr.) 1900 - 1910 Boek IV Blad 46- (1/3)
060b Bevolkingsregister gemeente Sleen (Dr.) 1900 - 1910 Boek IV Blad 46- (2/3)
060c Bevolkingsregister gemeente Sleen (Dr.) 1900 - 1910 Boek IV Blad 46- (3/3)
061a Bevolkingsregister gemeente Sleen (Dr.) 1910 - 1920 Boek IV Blad 25- (1/3)
061b Bevolkingsregister gemeente Sleen (Dr.) 1910 - 1920 Boek IV Blad 25- (2/3)
061c Bevolkingsregister gemeente Sleen (Dr.) 1910 - 1920 Boek IV Blad 25- (3/3)
062 Beknopt familieoverzicht Roelof Mulder / Hilligje Moes
063 Geboorteakte Remmelt Mulder 25-05-1885 Kloosterveen, gemeente Smilde (Dr.) - AFSCHRIFT
064 Huwelijksakte Remmelt Mulder en Janke Luchies 06-04-1911 nr. 56 gemeente Emmen (Dr.) - AFSCHRIFT
065 Geboorteakte Janke Luchies 11-08-1889 Nieuweroord, gemeente Westerbork (Dr.) - AFSCHRIFT
066a Bevolkingsregister gemeente Emmen (Dr.) 1904 - 1917 Boek M2 Blad 172 (1/2)
066b Bevolkingsregister gemeente Emmen (Dr.) 1904 - 1917 Boek M2 Blad 172 (2/2)
067a Gezinskaart Remmelt Mulder en Janke Luchies, gemeente Emmen (Dr.) (1/3)
067b Gezinskaart Remmelt Mulder en Janke Luchies, gemeente Emmen (Dr.) (2/3)
067c Gezinskaart Remmelt Mulder en Janke Luchies, gemeente Emmen (Dr.) (3/3)
067-2a Gezinskaart Remmelt Mulder en Janke Luchies, gemeente Emmen (Dr.) (1/3)
067-2b Gezinskaart Remmelt Mulder en Janke Luchies, gemeente Emmen (Dr.) (2/3)
067-2c Gezinskaart Remmelt Mulder en Janke Luchies, gemeente Emmen (Dr.) (3/3)
068 Krantenknipsel Provinciale Drentsche en Asser Courant 28-09-1912 aangaande Remmelt Mulder
069a Register van Voorloopig aangehoudenen in het HvB te Assen 1904-1914 (1/4)
069b Register van Voorloopig aangehoudenen in het HvB te Assen 1904-1914 (2/4)
069c Register van Voorloopig aangehoudenen in het HvB te Assen 1904-1914 (3/4)
069d Register van Voorloopig aangehoudenen in het HvB te Assen 1904-1914 (4/4)
070a Proces-Verbaal terechtzitting 11-11-1912 Arrondissementsrechtbank te Assen (1/5)
070b Proces-Verbaal terechtzitting 11-11-1912 Arrondissementsrechtbank te Assen (2/5)
070c Proces-Verbaal terechtzitting 11-11-1912 Arrondissementsrechtbank te Assen (3/5)
070d Proces-Verbaal terechtzitting 11-11-1912 Arrondissementsrechtbank te Assen (4/5)
070e Proces-Verbaal terechtzitting 11-11-1912 Arrondissementsrechtbank te Assen (5/5)
071 Krantenknipsel Provinciale Drentsche en Asser Courant 12-11-1912 aangaande Remmelt Mulder - AFSCHRIFT
072a Proces-Verbaal terechtzitting 25-11-1912 Arrondissementsrechtbank te Assen (1/2)
072b Proces-Verbaal terechtzitting 25-11-1912 Arrondissementsrechtbank te Assen (2/2)
073 Krantenknipsel Provinciale Drentsche en Asser Courant 26-11-1912 aangaande Remmelt Mulder - AFSCHRIFT
074a Vonnis Remmelt Mulder 09-12-1912 (1/8)
074b Vonnis Remmelt Mulder 09-12-1912 (2/8)
074c Vonnis Remmelt Mulder 09-12-1912 (3/8)
074d Vonnis Remmelt Mulder 09-12-1912 (4/8)
074e Vonnis Remmelt Mulder 09-12-1912 (5/8)
074f Vonnis Remmelt Mulder 09-12-1912 (6/8)
074g Vonnis Remmelt Mulder 09-12-1912 (7/8)
074h Vonnis Remmelt Mulder 09-12-1912 (8/8)
075 Proces-Verbaal Vonniswijzing Remmelt Mulder 09-12-1912
076a Persoonsblad gevangenis te Groningen? van Remmelt Mulder (1/4)
076b Persoonsblad gevangenis te Groningen? van Remmelt Mulder (2/4)
076c Persoonsblad gevangenis te Groningen? van Remmelt Mulder (3/4)
076d Persoonsblad gevangenis te Groningen? van Remmelt Mulder (4/4)
077a Register van veroordeelden in hooger beroep 1912 - 1916 gerechtshof Leeuwarden (1/2)
077b Register van veroordeelden in hooger beroep 1912 - 1916 gerechtshof Leeuwarden (2/2)
077aa Bevolkingsregister gemeente Emmen (Dr.) Regiter van aangekomen en vetrokken personen april 1913 (1/2)
077ab Bevolkingsregister gemeente Emmen (Dr.) Regiter van aangekomen en vetrokken personen april 1913 (2/2)
078a Persoonskaart Remmelt Mulder, Geb. 20-05-1885 te Smilde, Overl. 31-01-1967 te Emmen (Dr.) (1/2)
078b Persoonskaart Remmelt Mulder, Geb. 20-05-1885 te Smilde, Overl. 31-01-1967 te Emmen (Dr.) (2/2)
079 Bevolkingsregister gemeente Emmen (Dr.) Regiter van aangekomen en vetrokken personen juli 1914
080a Persoonskaart Janke Luchies Geb. 11-08-1889 te Westerbork, Overl. 21-02-1947 te Hoogeveen (Dr.) (1/2)
080b Persoonskaart Janke Luchies Geb. 11-08-1889 te Westerbork, Overl. 21-02-1947 te Hoogeveen (Dr.) (2/2)
081 Geboorteakte Jan Luchies 05-09-1916 Nieuw-Amsterdam, gemeente Emmen (Dr.) - AFSCHRIFT
082 Geboorteakte Sietse Luchies 31-12-1919 Nieuw-Amsterdam, gemeente Emmen (Dr.)- AFSCHRIFT
083 Overlijdensakte Janke Luchies 21-02-1947 Nieuw-Amsterdam gemeente Emmen- AFSCHRIFT
084 Overlijdensakte Remmelt Mulder 31-01-1967 Nieuw-Amsterdam gemeente Emmen- AFSCHRIFT
085 Geboorteakte Anne Mulder 05-07-1887 Kloosterveen, gemeente Smilde (Dr.)- AFSCHRIFT
086 Geboorteakte Geesje Luchies 19-11-1885 Nieuweroord, gemeente Westerbork (Dr.)- AFSCHRIFT
087 Huwelijksakte Anne Mulder en Geesje Luchies 29-01-1907 Emmen (Dr.)- AFSCHRIFT
088 Huwelijksbijlagen Emmen 29-01-1907, Kaft
089 Huwelijksbijlagen Emmen 29-01-1907, Uittreksel geboorteregister Anne Mulder
090 Huwelijksbijlagen Emmen 29-01-1907, Uittreksel geboorteregister Geesje Luchies
091 Huwelijksbijlagen Emmen 29-01-1907, Bewijs Nationale Militie
092 Huwelijksbijlagen Emmen 29-01-1907, Uittreksel overlijdensregister Sietske Bruinsma
093 Huwelijksbijlagen Emmen 29-01-1907, Certificaten van onvermogen van Anne Mulder en Geesje Luchies
094 Trouwboekje Anne Mulder en Geesje Luchies 29-01-1907 Emmen (Dr.)
095 Bevolkingsregister gemeente Emmen (Dr.) 1904 - 1917 Boek M2 Blad 91
096 Bevolkingsregister gemeente Emmen (Dr.) Gezinskaarten A-Z, Vertrokken personen 1916 - 1926 Anne Mulder en Geesje Luchies
097 Trouwboekje Anne Mulder en Geesje Luchies 29-01-1907 Emmen (Dr.) (Kinderen)
098 Gezinskaart Anne Mulder en Geesje Luchies, gemeente Eindhoven 1920 - 1938
099 Renteboekje Anne Mulder
100 Overlijdensakte Anne Mulder 29-04-1934 Eindhoven (NB.)
101a Aangifte successierechten Geesje Mulder-Luchies (1/2)
101b Aangifte successierechten Geesje Mulder-Luchies (2/2)
102 Renteboekje Geesje Luchies
103a Persoonskaart Geesje Luchies Geb. 19-11-1885 te Westerbork, Overl. 06-10-1970 te Eindhoven (NB.) (1/2)
103b Persoonskaart Geesje Luchies Geb. 19-11-1885 te Westerbork, Overl. 06-10-1970 te Eindhoven (NB.) (2/2)
104 Overlijdensakte Geesje Luchies 06-10-1970 Eindhoven (NB.)
105a Liturgie begrafenisdienst Geesje Luchies 09-10-1970 (1/2)
105b Liturgie begrafenisdienst Geesje Luchies 09-10-1970 (2/2)
106 In memoriam Geesje Luchies
 

Stukken behorende bij de uitreiking van de Yad Vashem-onderscheiding
van Geesje Mulder-Luchies op 08-12-1982

107 De uitnodiging
107-1 Het programma
107-2 De toespraak (voorblad) (1/4)
107-3a De toespraak (2/4)
107-3b De toespraak (3/4)
107-4 De toespraak (4/4)
107-5 De ere oorkonde
107-6a Lijst van de op 08-12-1982 onderscheiden personen (1/13)
107-6b Lijst van de op 08-12-1982 onderscheiden personen (2/13)
107-6c Lijst van de op 08-12-1982 onderscheiden personen (3/13)
107-6d Lijst van de op 08-12-1982 onderscheiden personen (4/13)
107-6e Lijst van de op 08-12-1982 onderscheiden personen (5/13)
107-6f Lijst van de op 08-12-1982 onderscheiden personen (6/13)
107-6g Lijst van de op 08-12-1982 onderscheiden personen - GEESJE LUCHIES (7/13)
107-6h Lijst van de op 08-12-1982 onderscheiden personen (8/13)
107-6i Lijst van de op 08-12-1982 onderscheiden personen (9/13)
107-6j Lijst van de op 08-12-1982 onderscheiden personen (10/13)
107-6k Lijst van de op 08-12-1982 onderscheiden personen (11/13)
107-6L Lijst van de op 08-12-1982 onderscheiden personen (12/13)
107-6m Lijst van de op 08-12-1982 onderscheiden personen (13/13)
108 Geboorteakte Margje Mulder 21-10-1907 nr. 905 Nieuw-Amsterdam, gemeente Emmen (Dr.)
109 Geboorteakte Eino Schut 05-12-1903 Nieuw-Buinen, gemeente borger (Dr.)
109a Geboorteakte Margien Schoemaker 15-12-1906 Emmen (Dr.)- AFSCHRIFT
109b Register van ondertrouw gemeente Emmen 07-09-1928 Eino Schut en Margien Schoemaker
109c Register van ondertrouw gemeente Emmen 08-09-1928 Eino Schut en Margien Schoemaker
109d Overlijdensakte Margien Schoemaker 24-09-1928 nr. 48 gemeente Sleen (Dr.)
110-1 Huwelijksakte Eino Schut en Margje Mulder 28-09-1933 nr. 544 Eindhoven (NB.) (1/2)
110-2 Huwelijksakte Eino Schut en Margje Mulder 28-09-1933 nr. 544 Eindhoven (NB.) (2/2)
110a-1 Getuigschrift Eino Schut N.V. Philips Gloeilampenfabrieken 21-05-1929 - 31-01-1930
110a-2 Getuigschrift Eino Schut N.V. Philips Gloeilampenfabrieken 29-10-1930 - 22-01-1931
111 Trouwboekje Eino Schut en Margje Mulder 28-09-1933 Eindhoven (NB.)
111a Trouwboekje Eino Schut en Margje Mulder 28-09-1933 Eindhoven (NB.) (Kinderen)
112a Overlijdensakte Eino Schut 17-03-1986 Utrecht (Ut.) (1/2)
112b Overlijdensakte Eino Schut 17-03-1986 Utrecht (Ut.) (2/2)
113 Rouwkaart Eino Schut 17-03-1986
113-1 Rouwadvertentie Eino Schut 17-03-1986
114 Orde van Dienst begrafenis Eino Schut
115a Persoonskaart Eino Schut Geb. 05-12-1903 te Nieuw-Buinen gemeente Borger, Overl. 17-03-1986 te Utrecht (Ut.) (1/2)
115b Persoonskaart Eino Schut Geb. 05-12-1903 te Nieuw-Buinen gemeente Borger, Overl. 17-03-1986 te Utrecht (Ut.) (2/2)
116 Overlijdensakte Margje Mulder 10-01-1999 Nieuwegein (Ut.)
117-1 Rouwkaart Margje Mulder 10-01-1999
117-2 Rouwadvertentie Margje Mulder 10-01-1999
118a Liturgie begrafenisdienst Margje Mulder (1/4)
118b Liturgie begrafenisdienst Margje Mulder (2/4)
118c Liturgie begrafenisdienst Margje Mulder (3/4)
118d Liturgie begrafenisdienst Margje Mulder (4/4)
119 Advertentie met dankbetuiging voor de blijken van medeleven na het overlijden van Margje Mulder
120a Persoonskaart Otto Staats Geb. 22-09-1903 te Gasselte, Overl. 21-10-1978 te Gasselte (Dr.) (1/2)
120b Persoonskaart Otto Staats Geb. 22-09-1903 te Gasselte, Overl. 21-10-1978 te Gasselte (Dr.) (2/2)
121a Orde van Dienst begrafenis van Sietske Mulder (1/3)
121b Orde van Dienst begrafenis van Sietske Mulder (2/3)
121c Orde van Dienst begrafenis van Sietske Mulder (3/3)
122 Persoonslijst CBG Sietse Mulder Geb. 03-10-1908, Overl. 24-05-1999 te Stadskanaal (Gr.)
123a Persoonskaart Roelf Mulder Geb. 04-10-1907 te Onstwedde, Overl. 02-09-1981 te Eindhoven (NB.)
123b Persoonskaart Roelf Mulder Geb. 04-10-1907 te Onstwedde, Overl. 02-09-1981 te Eindhoven (NB.)
124a Persoonskaart Griet Jantina Mulder Geb. 11-11-1911, Overl. 29-06-1988 te Eindhoven (NB.) (1/2)
124b Persoonskaart Griet Jantina Mulder Geb. 11-11-1911, Overl. 29-06-1988 te Eindhoven (NB.) (2/2)
125a Liturgie begrafenisdienst Griet Jantina Mulder (1/3)
125b Liturgie begrafenisdienst Griet Jantina Mulder (2/3)
125c Liturgie begrafenisdienst Griet Jantina Mulder (3/3)
126 Puntenlijst opleiding tot coupeuse Annigje Hillegonda Mulder maart 1936
127 Beknopt overzicht familie Mulder vanaf ca. 1811 (1/2)
128 Beknopt overzicht familie Mulder vanaf ca. 1811 (2/2)
129 Gezinsblad gezin J. Mulder en A.H. Mulder
130a-a Persoonskaart Cent Mulder Geb. 25-02-1919, Overl. 25-08-1954 te Eindhoven (NB.) (1/2)
130a-b Persoonskaart Cent Mulder Geb. 25-02-1919, Overl. 25-08-1954 te Eindhoven (NB.) (2/2)
130ba Woningkaart Emmastr. 30, later Wilhelminastr. 22 en vanaf 1972 Stormerdijkstr. 22 Jutphaas (Nieuwegein) (1/2)
130bb Woningkaart Emmastr. 30, later Wilhelminastr. 22 en vanaf 1972 Stormerdijkstr. 22 Jutphaas (Nieuwegein) (1/2)
131 In memoriam Cent Mulder, personeelskrant N.V. Philipsfabrieken (de Philipskoerier)
132a Persoonskaart Egbert Mulder Geb. 18-04-1921, Overl. 11-04-1973 te Eindhoven (NB.) (1/2)
132b Persoonskaart Egbert Mulder Geb. 18-04-1921, Overl. 11-04-1973 te Eindhoven (NB.) (2/2)
133 In memoriam n.a.v. overlijden van Egbert Mulder op 11-04-1973 in Eindhoven's Kerkbode
134a Persoonskaart Johannes Kelder Geb. 16-11-1919 te Odoorn, Overl. 04-04-1976 te Eindhoven (NB.) (1/2)
134b Persoonskaart Johannes Kelder Geb. 16-11-1919 te Odoorn, Overl. 04-04-1976 te Eindhoven (NB.) (1/2)
135a Persoonskaart Roelofje Mulder Geb. 23-09-1922, Overl. 03-07-1988 te Eindhoven (NB.) (1/2)
135b Persoonskaart Roelofje Mulder Geb. 23-09-1922, Overl. 03-07-1988 te Eindhoven (NB.) (2/2)
136 Rouwkaart Roelofje Mulder 03-07-1988
137a Persoonskaart Jan Willem van Bemmel Geb. 24-06-1921 te Leerdam (ZH.), Overl. 05-04-1987 te Eindhoven (NB.) (1/2)
137b Persoonskaart Jan Willem van Bemmel Geb. 24-06-1921 te Leerdam (ZH.), Overl. 05-04-1987 te Eindhoven (NB.) (2/2)
138a Persoonskaart Ruth van Straaten Geb. 31-07-1918 te Harderwijk, Overl. 26-11-1991 te Eindhoven (NB.) (1/2)
138b Persoonskaart Ruth van Straaten Geb. 31-07-1918 te Harderwijk, Overl. 26-11-1991 te Eindhoven (NB.) (1/2)
139a Persoonskaart Sietse Mulder Geb. 31-07-1926 te Eindhoven, Overl. 03-08-1965 te Zierkzee (Ze.) (1/2)
139b Persoonskaart Sietse Mulder Geb. 31-07-1926 te Eindhoven, Overl. 03-08-1965 te Zierkzee (Ze.) (1/2)
140 Rouwkaart Sietse Mulder (03-08-1965)
141 Geboorteakte Harm Mulder 13-10-1889 Kloosterveen, gemeente Smilde (Dr.)- AFSCHRIFT
142 Huwelijksakte Harm Mulder en Jantje de Lange 31-08-1911 Emmen (Dr.)- AFSCHRIFT
143 Huwelijksbijlagen 31-08-1911 Emmen, uittreksel geboorteregister Jantje de Lange
144 Bevolkingsregister gemeente Emmen (Dr.) 1904 - 1917 Boek L Blad 184
145a Persoonskaart Harm Mulder Geb. 13-10-1889 te Smilde, Overl. 09-01-1967 te Coevorden (Dr.) (1/2)
145b Persoonskaart Harm Mulder Geb. 13-10-1889 te Smilde, Overl. 09-01-1967 te Coevorden (Dr.) (1/2)
146a Persoonskaart Jantje de Lange Geb. 21-12-1891 te Ambt-Hardenberg (Ov.), Overl. 22-09-1972 te Schoonebeek (Dr.) (1/2)
146b Persoonskaart Jantje de Lange Geb. 21-12-1891 te Ambt-Hardenberg (Ov.), Overl. 22-09-1972 te Schoonebeek (Dr.) (1/2)